In de rechtszaak, die is aangespannen door het Amerikaanse advocatenkantoor Lerach Coughlin Stoia Geller Rudman & Robbins, draait het om twee aanklachten. In een wordt beweerd dat Dell wel voordelige aanbiedingen heeft, maar dat het bedrijf in werkelijkheid vervangende producten van mindere kwaliteit levert.

Ook wordt Dell verweten mensen te verleiden met goedkope computers en tegelijkertijd erg dure betalingsmogelijkheden te handhaven. De rente die wordt berekend bij een afbetaling loopt volgens de aanklacht uiteen van 28 tot 38 procent. In dit kader zijn ook de financiële instellingen CIT Bank en DFS aangeklaagd met wie Dell zaken doet.

Dell wordt beschuldigd van contractbreuk en het plaatsen van misleidende advertenties. Omdat de verkoop uitsluitend telefonisch of online gebeurt, zien klanten alleen maar plaatjes van aangeboden producten. Nooit de producten zelf, aldus de aanklagers.

De zogeheten <i>class action</i> zaak is aangespannen namens alle Amerikaanse klanten die 'het slachtoffer zijn geworden van Dell'.