Paul Ceglia zou in april 2003 van Facebook-oprichter Zuckerberg de opdracht gekregen hebben om een website te ontwerpen en ontwikkelen. Naast 1000 dollar zou Ceglia met de opdracht ook 50 procent aandeel in de website krijgen. Voor elke dag dat de website in de maak was, zou Ceglia een aanvullende 1 procent aandeel krijgen.

Een rechter in New York buigt zich over de aanklacht. Totdat de zaak voorkomt mag Facebook geen bezittingen verkopen. Facebook noemt Ceglia's claim in de gerechterlijke documenten "zonderling". Bovendien zou de termijn voor dit soort claims al verjaard zijn.

The Face Book

The Wall Street Journal heeft een kopie van een contract uit 2003 gezien, waar gesproken over een online "jaarboek met de werktitel The Face Book". Dit is vreemd, schrijft de zakenkrant, omdat Zuckerberg in 2003 nog plannen had de naam FaceMash te gebruiken, en het domein thefacebook.com pas in 2004 is geregistreerd door hem.

Een pr-medewerker van Facebook doet de zaak in de media af als "frivool", en zegt dat het sociale netwerk zich met hand en tand zal verdedigen tegen de claim. Het bevriezen van Facebook-eigendommen heeft geen invloed op Facebooks mogelijkheden tot zakendoen, bezweert de woordvoerder.

Hout-pellets

'Websitedeveloper' Ceglia kwam in 2009 al eens in aanraking met Jusititie. Hij zou voor 200.000 dollar aan houtpellets verkocht hebben, die nooit geleverd werden. Die zaak ligt nog voor de rechter.