In het wetsvoorstel computercriminaliteit staat dat providers de identiteit van verdachte abonnees moeten prijsgeven, als politie en justitie daarom vragen. De nieuwe minister van justitie, Korthals (VVD) volgt daarmee in grote lijnen de ideeën die zijn voorganger, Winnie Sorgdrager, over de verantwoordelijkheid van providers (zie Grenzen aan de vrijheid). Ook andere voorstellen zijn door Korthals overgenomen, zoals de verplichting van Internet-aanbieders om de verspreiding van strafbare uitingen zoals kinderporno en racisme zoveel mogelijk te voorkomen. Als de bedrijven meewerken lopen ze geen kans om wegens medeplichtigheid te worden vervolgd. Het wetsvoorstel bepaalt verder dat elektronische post onder het briefgeheim valt. Voor het aftappen van dataverkeer is toestemming vereist van de rechter, zoals dat nu ook nodig is als de politie op een telefoon meeluistert of de post van een verdachte openstoomt. Ook voor die bescherming van e-mail had Sorgdrager zich al uitgesproken ( Briefgeheim op netpost). Vorige week werd al bekend dat het nieuwe voorstel burgers het recht geeft om hun e-mail of andere bestanden voor anderen te versleutelen (zie Geen slot op encryptie). Het wetsvoorstel is vrijdag goedgekeurd door het kabinet. Het zal nu worden voorgelegd aan de Raad van State voor advies.