De commissie zet zijn antitrust-onderzoek naar de grootste maker van pc-chips ter wereld niet voort, zo melden bronnen rond het dagelijks bestuur van de Europese Unie. Intel was ruim een jaar geleden aangeklaagd door twee concurrenten, waarschijnlijk landgenoot AMD en het Taiwanese Via Technologies. Intel zou volgens de twee op oneerlijke manier klanten aan zich binden door die te belonen voor hun trouw aan het bedrijf. Bovendien zou Intel oneerlijke concurrentie bedrijven door mee te betalen aan campagnes van diverse pc-makers. PC-fabrikanten krijgen geld van Intel als zij het 'Intel Inside'-logo bij de advertenties afdrukken. Intel werkt naar eigen zeggen zo samen met 1500 bedrijven over de hele wereld, waarvan achthonderd in Europa. De Europese Commissie vindt dus dat Intel met deze manier van werken de antitrust-wetgeving niet schendt. Volgens Intel zou ook Via Technologies zijn zaak hebben ingetrokken. Eerder zag ook de Amerikaanse handelscommissie FTC in de praktijken van Intel geen reden tot maatregelen. Het juridische steekspel tussen de chipgiganten is bepaald niet nieuw. Via en Intel klaagden elkaar eerder onder meer aan wegens vermeende schending van patenten. Zo stelde Intel in september 2001 dat Via het patent van Intel op de Pentium 3-processor schond. Enkele maanden later trok Intel die aanklacht echter weer in.