Max Schireson, voormalig CEO van MongoDB, liet in een artikel "the money in open source software" op Techcrunch weten dat er veel geld te verdienen valt met open source software. Het enige probleem is dat er geen geld te verdienen valt met open source software. Tuurlijk, je hebt Red Hat maar noem eens een ander voorbeeld? Dat kan je niet omdat die er niet is.
De "open source bedrijven" die echt rijk worden van open source doen dat niet met open source software. Ze verkopen het tegenovergestelde daarvan en het lijkt erop dat dat het beste open source business model is dat je maar kan hebben.
Open source verkeerd begrijpen
Open source initiative director Simon Phipps zegt echter dat Schiereson's visie niets meer is dan een "visie die de echte waarde van open source niet herkent." Phibbs kaart ook nog enkele feitelijke onjuistheden aan in het artikel van Schiereson.
Wat Phibbs echter niet doet is de onjuistheden pareren met feiten over open source als rendabel business model. Dat was, natuurlijk, ook niet zijn hoofddoel. Phibbs hecht waarde aan programmeurs en niet aan kapitalisten. Maar z'n argument:" Red Hat bewijst duidelijk dat je geen geld hoeft te verdienen met open source software door kunstmatige schaarste te creëren om de modellen van oude bedrijven na te kunnen apen." klopt nog steeds niet. Waarom niet? Omdat dat precies hetgeen is wat er nodig is, zelfs voor Red Hat.
Tegenwoordig is alle code van Red Hat open source, maar dat is niet altijd zo geweest. Red Hat Sattelite, dat jaren lang de basis was voor het bedrijf's winstmodel, was alleen maar propriétair tot 2008. Het duurde Red Hat bijna een decennium om hun hoofdtechnologie te open sourcen. Tot die tijd hadden alle concurrerende Linux-verkopers een probleem. En Red Hat's handelsmerk bezat alle intellectuele eigendommen die het nodig had.
Dat en de mogelijkheid om de risico's uit anders complexe open source software te halen. Brian Stevens, destijds CTO van Red Hat, vertelde mij daarover ooit het volgende: " Red Hat's Model werkt vanwege de complexiteit van de technologie waar wij mee werken. Een besturingssysteem heeft een hoop "bewegende onderdelen" en klanten zijn bereid te betalen om geen last te hebben van deze complexiteit. Ik denk niet dat je een eindig element (als Apache) kan nemen en daar een heel bedrijf van kan maken [op basis van ons model]. Je hebt product complexiteit nodig."
Op de volgende pagina: "Openheid" faken voor de lol en winst"Openheid" faken voor de lol en winst
De meeste huidige succesvolle open source bedrijven als Cloudera of DataStax verkopen geen open source software. Ze verkopen de propietaire waarde die daar omheen hangt. Tuurlijk je kan een onderhouds/ondersteunings contract aanschaffen, maar deze is meestal samengevoegd met enterprise kenmerken en andere restricties die gebruikers dwingen de portemonnee te trekken.
Dit is niet slecht, maar juist zinvol. Anders zouden open source bedrijven die een groot deel van de ontwikkeling voor eigen rekening nemen, moeten concurreren met zichzelf. Ik heb het 15 jaar gedaan, het is moeilijk.
Het bovengenoemde model krijgt pas het stempel "slecht" mee als een bedrijf openheid veinst die er helemaal niet is. Sinclair Schuller, CEO van Apprenda, slaat de spijker op z'n kop met de volgende definitie: "Open source projecten en stichtingen die worden bestuurd door één bedrijf (welke geen echte openheid gebruiken om zo ver mogelijk te komen)." Schuller noemt een paar voorbeelden van bedrijven die weinig of juist heel veel controle uitoefenen.

De retorische vraag die hij daarna stelt is: "Hoe open kan software zijn als er maar één bedrijf achter zit die het leeuwendeel van de contributies voor z'n rekening neemt?"
Het andere mechanisme, eentje die Schireson benoemt, is het opleggen van een zeer restrictieve open source licentie die, mensen die wat willen toevoegen aan de code, in de weg zit. Ditzelfde mechanisme is wel veilig voor mensen die de code gebruiken. Licenties als AGPL, lijken wat dat betreft meer op propietaire licenties.
Op de volgende pagina: Wees als GoogleWees als Google
En dit brengt ons weer terug bij het argument van Phipps. "VC's die het nut van open source missen, moeten er niet in investeren," maar ik zou het iets basaler houden: Ondernemers zouden niet moeten proberen om geld te verdienen met open source software...NOOIT!
De bedrijven die het meeste verdienen aan open source software zijn niet de bedrijven die het verkopen: Denk aan Google, Facebook en andere reuzen die met alle liefde de open source filosofie omarmen zonder er ook maar één regel aan code te verkopen. Zij verkopen juist diensten op basis van open source software.
Zij zijn niet alleen. Kijk in de codebase van andere propriétaire producten en ik garandeer je dat het vol zit met open source code. Deze bedrijven verkopen open source. Ze gebruiken het (en dragen bij aan de code) maar verkopen vervolgens iets compleet anders.
En daar zit het echte geld. Propriétaire waarde gebouwd bovenop open source. Er zijn een hoop verschillende manieren om dit te doen, maar het fundamentele principe geldt voor iedereen.
De andere kant van dit verhaal lezen? Zie ook: We missen kansen door open source-onbegrip