Dergelijke huurlijnen worden in Europa veelal aangeboden door ex-monopolisten en voorzien bedrijven van een snelle internetverbinding waarbij de uploadsnelheid even hoog is als de downloadnselheid. Dienstverleners, zoals isp's en nieuwe telecomconcurrenten, hebben deze verbindingen nodig om hun klanten aan internet te kunnen koppelen. De EC houdt de prijzen van huurlijnen zijn al jaren nauwlettend in de gaten. Volgens de Commissie bestaan er nog altijd substantiële verschillen in de gehanteerde prijzen voor huurlijnen. Sterker nog, de EC is van mening dat prijzen niet in verhouding staan met de kosten voor het leveren van de diensten. De Commissie stelt daarom voor een prijsplafond in te stellen voor lijnen met een capaciteit van 64 Kbps, 2 Mbps, 34 Mbps en 155 Mbps. Bovendien moet de prijs tevens worden gemaximeerd op basis van de afstand tot de centrale. Zo moet er een maximumprijs komen voor lijnen van maximaal 2, 5, 10, 15 en 50 kilometer. De voorgestelde maximumprijzen variëren van 61 euro per maand voor een 64 Kbps verbinding in de categorie tot 2 kilometer tot 4144 euro per maand voor een 155 Mbps-lijn over een afstand van de volledige vijftig kilometer.