Het verdrag moet leiden tot betere samenwerking in Europa bij het bestrijden van computercriminaliteit en is vooral bruikbaar voor Europese landen die weinig wetgeving inzake computercriminaliteit hebben. Het voorstel is volgens de Raad van Europa, het samenwerkingsverband van 41 Europese landen, nodig omdat er steeds meer gebruik wordt gemaakt van computernetwerken en elektronische informatie bij het plegen van een misdrijf. "Er is een goed functionerende internationale samenwerking nodig om dit soort misdrijven tegen te gaan", zo valt in het voorstel te lezen. Een van de onderwerpen die worden behandeld in het verdrag is de uitlevering van computercriminelen aan het land waar het misdrijf is gepleegd. Zo kan een Italiaanse hacker van een website in Duitsland ook in Duitsland voor de rechter worden gebracht. In de Raad van Europa zijn niet alleen EU-landen vertegenwoordigd, maar ook landen uit Oost-Europa en de voormalige Sovjet-Unie, zoals Georgië. Eerdere relevante berichten: Raad van Europa herschrijft Cybercrimeverdrag na kritiek (15 november 2000)