Het voorstel van Eurocommissaris Viviane Reding om een Brusselse supertoezichthouder in het leven te roepen is deze week aangenomen tijdens een informele bijeenkomst van afgevaardigden van het Europarlement, de deelnemende landen en de Europese Commissie (EC).

Prijzen omlaag

Aan dit besluit is een maandenlange discussie voorafgegaan. Eind september 2008 koos het Europees Parlement nog voor een ingrijpend telecompakket, maar het plan voor een supertoezichthouder werd onder druk van de nationale opta's afgezwakt tot een adviesorgaan, het Europees Telecomregelgeversorgaan (ETO). Nu is er dus besloten tot de vorming van een nieuwe pan-europese telecomwaakhond: de European regulators of electronic communications (BEREC).

De BEREC heeft verregaande bevoegdheden op telecomgebied. Zo kan het orgaan samen met de EC een veto uitspreken over besluiten van nationale opta's, als die in de ogen van Brussel zouden leiden tot een oneerlijke monopoliepositie. Naar verwachting zal de BEREC de ontwikkeling van een pan-Europese telefoonmarkt stimuleren waardoor uiteindelijk de prijs van telefoniediensten omlaag zal gaan.

Privacy en netneutraliteit

Bij Redings eerste presentatie van de plannen voor een supertoezichthouder in 2005 zei zij een soort Europese versie van de Amerikaanse Federal Communications Commission (FCC) voor ogen te hebben. In de huidige vorm zal de BEREC bestaan uit toezichthouders van de 27 lidstaten, die op basis van meerderheid van stemmen zullen besluiten. Het eerder gekozen consensusmodel is losgelaten.

Verder hebben de afgevaardigden ingestemd met enkele nieuwe regels. Zo moeten nieuwe generatie netwerken open blijven voor concurrerende telecombedrijven. Ook is er een privacywet ter bescherming van online consumentendata aangescherpt en ligt er een plan voor het verzekeren van netneutraliteit. Over deze maatregelen zal vandaag verder worden vergaderd.

In de eerste week van mei stemt het Europarlement over het instellen van de BEREC. Als het Parlement hiermee akkoord gaat, zou de toezichthouder komend jaar kunnen beginnen.

OPTA en EZ tegen

Het plan is een tegenvaller voor de nationale toezichthouders, zoals OPTA. Die trachten zoveel mogelijk autonomie te handhaven.

Ook het ministerie van Economische Zaken is tegen een Brusselse superwaakhond. Vorig jaar januari schreef staatssecretaris Heemskerk nog aan de Tweede Kamer: "Het toezicht op de telecommarkt is vooral een zaak van nationale toezichthouders, zoals in Nederland de OPTA. Een Europese Autoriteit, zoals voorgesteld door de Europese Commissie leidt tot extra bureaucratie."

Het ministerie van EZ benadrukt dat het plan nog niet definitief is. "Er is op dit moment nog geen definitief akkoord met het europees parlement over de bevoegdheden, laat staan dat de europese raad van ministers het erover eens zijn. De onderhandelingen met het europees parlement lopen nog. De verwachting is wel dat deze besprekingen nog deze maand afgerond zullen worden, en dat nog vóór de verkiezingen van het europees parlement de europese ministerraad zijn definitieve goedkeuring zal geven aan het telecompakket", aldus een woordvoerder van EZ.

Toezichthouder OPTA kon niet inhoudelijk reageren op de Europese overneekomst.