Minister van der Hoeven van EZ introduceert een nieuw fiscaal instrumentarium om innovatie te stimuleren: de innovatiebox. Op het gebied van breedbandinfrastructuur lijkt die niet nodig: het onafhankelijke onderzoeksbureau Telecompaper kwam vorige week met een prachtig onderzoeksresultaat: nergens ter wereld (nérgens) zijn er zoveel huishoudens in staat om internetsnelheden te krijgen van 50 Mbps of meer (“ ... thanks to a nationwide cable network, the Netherlands ranks first on the list..”).

Ook Tele2 liet onlangs weten snelheden tot 60Mbps te gaan leveren. Wow, zou je zeggen, de markt heeft gedaan wat altijd is beloofd, en nu gaan we ons met volle kracht op (maatschappelijke) diensten richten.

Breedbandwaterpijpen

Maar helaas is het beleid op EZ niet zo consistent. Staatssecretaris Heemskerk wil gemeenten meer ruimte geven om te investeren in breedbandínfrastructuur (vraag me niet waarom). Hij wil dat het ‘technologieneutraal’ gebeurt. Dat wil zeggen: gemeenten kunnen mee-investeren in glasvezel, in kabel of in breedbandwaterpijpen. Op zich een prima beleidsuitgangspunt, maar de úitwerking zal niet techniekneutraal zijn. De kabel heeft immers al grote (private) investeringen gedaan.

Als er nu financiële stimulansen met belastinggeld mogelijk worden, kán het niet anders dan dat die dure belastingcenten aan onze concurrenten ten goede komen. Zie bijvoorbeeld wat Ed Vermeulen, directeur van KPN Glasvezel, onlangs meldde in een KPN-nieuwsbrief: “Glasvezel betekent niet alleen verbetering van de dienstverlening, maar ook serieuze concurrentie voor de grote kabelbedrijven.” KPN stelt de beslissing om serieus te investeren in haar netwerk nu al jaren uit, en het zal toch niet zo zijn dat men daar een beloning voor krijgt in de vorm van impulsen met belastinggeld?

De eis van EZ dat het belastinggeld ‘marktconform’ moet worden geïnvesteerd, maakt me niet geruster. Als dat zo is, als gemeentelijke investeringen onder precies dezelfde voorwaarden moeten als private, waarom heb je dan de overheid nodig? Overheidsinmenging kan dus per definitie niet marktconform zijn.

Subsidies weren investeerders

Overigens bleek deze week op een glasvezelcongres van Telecompaper, dat er ook hele andere effecten optreden na de beleidsaankondiging van staatssecretaris Heemskerk. Henk Doorenspleet van de Rabobank meldde in zijn presentatie dat een private investeerder vorige week op het punt stond om een groot bedrag in glasvezel te investeren, maar zich terugtrok na de aankondiging dat gemeenten weer zouden mogen gaan investeren. Plotse onzekerheid over het investeringsklimaat was daarvan de reden. Grappig eigenlijk, dat het beleid om investeringen in infrastructuur te stimuleren nu net andersom uitpakt.

Kroes begrijpt het

Belangrijk nieuws kwam er ook uit Brussel. Eurocommissaris Kroes vaardigde strenge richtlijnen uit voor (of tegen) staatssteun aan glasvezel. Als het gaat om breedbandinfrastructuur, is een gebied zwart, wit of grijs. Wit betekent weinig of geen breedband beschikbaar voor de inwoners, zwart betekent heel veel en heel modern. Als je naar de kaart van ons land kijkt, kun je niks meer zien: die kaart is namelijk ingekleurd met een dikke zwarte stift. Dat betekent dat de overheid in ons land niets te zoeken heeft in de infrastructuur. Het werk is al gedaan, en zal nog verder worden gedaan want het is nooit af, door de marktpartijen. Die strijd moet je niet verstoren.

Kortom: turbulente breedbandtijden. Is dat leuk? Ja, misschien als je er stukjes over wil schrijven zoals dit. Maar voor de consument is dat helemaal geen goed nieuws. Marktpartijen investeren miljarden euro’s in de infrastructuur. Dat zijn risicovolle investeringen. Dat is niet erg, dat is ondernemen. Nederland staat nu in de absolute breedband-wereldtop. Je kunt dus niet zeggen dat de markt niet functioneert. De overheid moet zorgen voor een goed investeringsklimaat, dan zullen investeringen ook in de toekomst gedijen tot vreugde van de consument. Spelletjes spelen met belastingcenten vergroot onzekerheid van investeerders en is dus níet goed voor het investeringsklimaat. En dus uiteindelijk ook niet voor de consument.

Rob van Esch is directeur van NLkabel, de branchevereniging van kabelbedrijven.