Apple is al enige tijd in een strijd verwikkeld met internetuitgaven die zijn gewijd aan de computerfabrikant. De sites, die doorgaans worden volgeschreven door Mac-aficionado's, zijn Apple een doorn in het oog. Nog voor Apple een productaankondiging heeft kunnen doen, staan de details vaak al op internet. De schuldigen: roddelsites die zich baseren op informatie die ze krijgen toegespeeld van insiders, werknemers van Apple. Via rechtszaken probeert Apple de sites nu aan te pakken. Met enig succes. Eind vorige week bepaalde een rechter dat drie online verslaggevers van de sites Apple Insider en PowerPage hun bronnen moeten prijsgeven, zo meldt Associated Press. In december publiceerden Apple Insider en PowerPage specificaties van nieuwe muzieksoftware van Apple. De computerfabrikant wil graag weten welke werknemers de vertrouwelijke informatie hebben laten uitlekken. De makers van de sites hebben tot nu toe geweigerd hun bronnen prijs te geven. De online journalisten menen dat Apple probeert hen het zwijgen op te leggen.

Publiek belang

Volgens rechter James Kleinberg is de vrijheid van meningsuiting echter niet in het geding. Kleinberg bepaalde dat niemand het recht heeft om informatie te publiceren die is geleverd door iemand die daarmee de wet heeft overtreden. Volgens de rechter hebben de sites met hun publicaties inbreuk gemaakt op het bedrijfsgeheim van Apple. Kleinberg heeft duidelijk geen al te hoge pet op van de fansites. Zij dienen geen enkel publiek belang, stelt hij in zijn vonnis. "In tegenstelling tot een klokkenluider die een gevaar voor de volksgezondheid of de veiligheid aan het licht brengt, of een ambtenaar die falend bestuur of erger aan de kaak stelt, houden deze sites zich alleen maar bezig met het voeden van de onverzadigbare honger naar informatie bij de consument", zo schrijft de rechter. "Belangstelling van het publiek is niet hetzelfde als het publiek belang." Het vonnis (pdf) van Kleinberg zal niet direct worden uitgevoerd. De rechter geeft de Apple-sites een week om in beroep te gaan. Een advocaat van de Electronic Frontier Foundation (EFF), die de sites bijstaat, verklaart tegenover CNet dat hij een hogere rechtbank zal vragen om de uitspraak ongedaan te maken.