Of ik een recensie-exemplaar wilde ontvangen of een interviewafspraak met Merel wilde maken. Nou nee, liever niet. Ik kende het stijltje wel. Merel schrijft al jaren op dezelfde manier haar website vol en is sinds kort ook als curieus internet-element te lezen in het NRC. Bij de uitgeverij en bij het NRC lijkt zij binnen te zijn gehaald om dezelfde reden: twee oeroude medialichamen proberen op deze manier vat te krijgen op het voor hun onbegrijpelijke internet. Merel wordt gelezen door boekenkopende bakvissen en rijen vriendinnen dus waarom niet eens een boekje geprobeerd? Baat het niet dan schaadt het niet. Een kijkje in de wereld van een vrouw die de dingen om haar heen met een aan infantiliteit grenzende verbazing waarneemt, enig toch?

Het is geen nieuw fenomeen. Eerder gaf Bezige Bij het boek De Hondenkoning uit van Walter van den Berg, ook iemand die ons op internet al jarenlang lastig valt met zijn schitterende kijk op de dingen. Een grote groep mensen, waaronder ik, mochten hem graag nadoen. Dat was niet moeilijk. Korte zinnen achter elkaar, een wat timide jongen als verteller suggereren en hier en daar een sloot, gracht of een opvliegende reiger in je tekst en je had er weer een, een echt Waltertje. Kijk, zo ging dat ongeveer:

Ik sta bij de brug. Hij is open en ik kijk naar de weg die langzaam omhoog komt. Gek eigenlijk. Zo direct kunnen we weer doorrijden. Naast mij zucht een man. Hij heeft waarschijnlijk haast. Een gracht verder slaat een woonbootbewoner zijn deur dicht. Ruzie. Een reiger vliegt op en verheft zich boven Amsterdam. De brug zakt. Daar gaan we weer.

Iedereen kan het, maar niemand trekt er zo'n goede kop bij als Walter zelf. Walter's boek ligt inmiddels al weer een jaar onverkoopbaar ergens in een boekwinkel in Paardendam en Walter werkt nu aan zijn altijd moeilijke tweede roman, die heel verrassend wéér zal handelen over een man die niets meemaakt en daar over schrijft.

Merel heeft dat anders aangepakt. Die heeft een roman geschreven over de geile wereld die internet-daten heet. Merel levert graag op bestelling. Ik zag haar al eens met een toetsenbord van een pc onder haar arm in een deuropening staan voor een televisie-itempje over webloggers. Dat leek de televisieploeg een leuk shot. Merel deed het. Als het NRC zegt dat ze bij de opname van een filmpje (wmv) heel wuft in de camera kijkend bij een bushalte moet gaan staan omdat dat zo helemaal Merel is, dan doet zij dat. En als een uitgeverij vraagt of zij een roman wil schrijven over internet-daten, lekker herkenbaar voor meisjes van een jaar of elf, dan zit ze al te werken. Merel geeft iedereen graag precies de fijnste Merel.

Haar boek is in de Telegraaf inmiddels genadeloos kapot gerecenseerd. Erger kan niet, lijkt mij, als de Telegraaf het al niks vindt. De recensent viel in slaap bij de bedscènes en vindt het niveautje opstel groep 8. Er wordt geconstateerd dat Merel humorloos is en dat ze niet goed genoeg kan schrijven. Dat wisten wij al lang, dat weet de uitgever en dat weet het NRC, maar nogmaals, ze schijnt een groep lezers te bedienen, dus is het misschien wel wat.

Het heeft me wel wakker geschud. Wat doe ik hier nog op Webwereld? Ik ben na twee dagen schrijven al halverwege mijn debuutroman Harde Schijf, een felrealistisch boek over de altijd broeierige ICT wereld. Hier een voorpublicatie van de eerste alinea.

"Terwijl Sven van Kammen de laatste back-up tape in een trillende machine duwde trok Saskia de Rooy haar netkousen nog eens recht. Te lang al smachtte ze naar het keiharde ict-lichaam van de systeembeheerder die ze zonder bril alle hoeken van het kopieerhok ging laten zien. Operatie Harde Schijf liep. Buiten lachte een reiger."