De bloedige Charlie Hebdo-aanslag dreunt nog na. Vooral in Frankrijk, waar president François Hollande haast maakt met het aanpakken van haatzaaiende content. Komende maand volgt een wetsvoorstel waarin het land internetbedrijven medeplichtig wil maken aan haatspraak wanneer zij deze content hosten, meldt Bloomberg. Onvermeld blijft wie er straks precies bepaalt wat wel en niet mag of wat überhaupt als haatzaaiend moet worden gezien.

Trekken van grenzen

Nu de indrukwekkende massale demonstraties voor de vrijheid van meningsuiting en de democratische samenleving achter de rug zijn, kunnen politici beginnen met het trekken van grenzen aan wat we mogen zeggen. Ook Nederland staat achter deze visie, zo bleek vlak na de aanslag uit een gezamenlijk statement van De Europese Unie voor meer internetcensuur.

Uiteraard allemaal om terrorisme de kop in te drukken. Iets wat niet online staat, bestaat immers niet. Internetbedrijven moeten daarom aansprakelijk worden gesteld, zo is de redenatie van de Fransen. "De grote dienstverleners, en we weten wie dat zijn, kunnen hun ogen niet meer sluiten als ze medeplichtig worden aan wat ze hosten", aldus Hollande, die Europees en internationaal wil samenwerken aan sancties.

Lastige taak

Minister van Binnenlandse Zaken Bernard Cazeneuve reist daarom af naar de Verenigde Staten om te spreken met Facebook, Twitter, Google en Microsoft. Aan hem de lastige taak om alle techreuzen te overtuigen dat hun huidige knoppen voor het rapporteren van ongewenste social media-berichten helemaal niet werken. Plus dat zij straks worden aangeklaagd voor haatzaaiende posts natuurlijk.

Het rapporteren va ongewenste content gaat nu nog zo op Twitter en Facebook:

Lees ook: EU beschermt vrije woord: content sneller offline