De 12.000 bij de VEB aangesloten beleggers in World Online kunnen het bedrag onderling verdelen als compensatie van de schade die ze hebben geleden bij en na de beursgang van het roemruchte internetbedrijf.

Het gaat om de banken Royal Bank of Scotland en Goldman Sachs. De Schotse bank is hierin betrokken geraakt na de overname van zakelijke bankonderdelen van ABN Amro. Beide banken vertegenwoordigen tevens de andere banken die bij de beursgang waren betrokken.

Details verder uitgewerkt

De nu gesloten overeenkomst is een schikking op hoofdlijnen. In de komende maanden worden de details verder uitgewerkt, meldt de VEB op zijn website. Daarmee lijkt een einde gekomen aan de nu al meer dan tien jaar slepende zaak tussen VEB en de betrokkenen bij de beursgang.

Volgens de VEB kan iedere belegger die aan de schikkingvoorwaarden voldoet, een bedrag tegemoet zien dat uitkomt boven het bedrag van het indertijd geleden netto koersverlies in de periode van 17 maart 2000 tot en met 3 april 2000. De genoemde voorwaarden zijn niet bekend gemaakt.

Uitspraak Hoge Raad

De schikking volgt op de uitspraak van de Hoge Raad van 27 november vorig jaar. Toen werd bepaald dat World Online en de betrokken banken een te optimistisch beeld hadden gegeven van de waarde en de toekomstverwachting van het bedrijf.

De VEB kreeg in 2007 al gelijk van het Gerechtshof, maar vond het oordeel toen op sommige punten niet ver genoeg gaan. De vereniging ging in cassatie, waarna de harde uitspraak van de Hoge Raad volgde. Volgens de VEB verloren de in totaal 150.000 beleggers zo’n drie miljard euro.

Zeepbel

Na de beursgang van World Online werd bekend dat eigenaresse Nina Brink haar aandelen drie weken daarvoor had verkocht voor een bedrag van 6 euro per aandeel. Dat was ongeveer de werkelijke waarde van het bedrijf. Na de beursgang steeg het aandeel snel naar een koers van meer dan 50 euro, om vervolgens in elkaar te klappen toen duidelijk werd dat de beleggers hadden geïnvesteerd in een zeepbel.