De markt kan het niet alleen af. Zonder de investeringen van gemeenten komt de realisering van supersnel breedband in Nederland "niet, of niet snel genoeg voor elkaar." Dat is kort gezegd de conclusie van het rapport van de Task Force Next Generation Networks (NGN) ofwel ‘supersnel breedband’ dat dinsdagmiddag werd aangeboden aan de demissionaire minister van Economische Zaken Maria van der Hoeven (CDA). Haar staatssecretaris, Frank Heemskerk (PvdA) had de opdracht gegeven.

De Task Force gaat ervan uit dat op dit moment een gemiddelde downloadsnelheid van 5 Mbps (voor kleingebruikers) tot 14 Mbps (voor grootgebruikers) standaard is. In 2015 zal de vraag naar bandbreedte (volgens TNO) zijn doorgegroeid richting gemiddeld 20 tot 75 Mbps. Voor 2020 is de verwachting dat deze groei verder gaat naar gemiddeld 75 tot 400 Mbps.

Steeds meer uploadbehoefte

“Supersnel breedband moet in ieder geval die bandbreedte ondersteunen”, aldus het rapport. Wat upload betreft is de verwachting dat de behoefte aan bandbreedte voorlopig niet symmetrisch is, dus downloadsnelheden blijven het belangrijkst. Dit in tegenstelling met de trend die Reggefiber zegt te zien en die volgens de kabel onjuist is. De Task Force steunt in deze kwestie de kabel, maar heeft een boodschap die voor de kabel niet gunstig is:

“Supersnel breedband heeft in 2015 een verhouding tussen down- en uploadsnelheid1 van 5:1 in 2015, doorgroeiend naar 4:1 in 2020. De capaciteit van het verzenden moet dus fors toenemen ten opzichte van de huidige situatie die circa 10:1 bedraagt.”

Over vijf jaar zit de tv-kabel aan zijn maximumcapaciteit, menen de onderzoekers op grond van TNO-verwachtingen: in 2015 voldoen twee technologieën aan de gestelde specificaties: Fiber to the Home (FttH, glasvezel) en coax (het traditionele televisienetwerk) op basis van Eurodocsis 3.0. ADSL, maar ook VDSL waar KPN op korte termijn zijn toevlucht toeneemt om de concurrentie van de kabel te weerstaan, voldoen niet aan de specificaties van supersnel breedband.

Open netwerken

Of coax het zal halen om aan de specificaties te voldoen hangt af van het toenamen van de upload-snelheid van de kabel. Maar dat is niet het enige volgens de Task Force. Wat betreft openheid en gegarandeerde betrouwbaarheid heeft de kabel ook nog een aantal stappen te zetten.

Het uitgangspunt van de Task Force is immers, zoals verwacht, dat netten open staan voor aanbieders van diensten. En dan moet in 2016 de dekkingsgraad van supersnel breedband 50 procent van de Nederlandse bevolking en het mkb bedragen en in 2020 tegen de 90 procent. Voor de resterende buitengebieden is geen ambitie te formuleren.

Immers, de vraag naar breedbanddiensten zal de komende jaren groeien met 30 tot 40 procent per jaar door triple play, maar ook meer zorg op afstand, beveiliging, onderwijs, energiebeheer en –besparing, thuiswerken en gaming voor de lol en serieus. “Al deze nieuwe diensten bieden enorme kansen voor de Nederlandse economie en maatschappij, én voor de duurzaamheid van beiden.”

Wel staatsfinanciering

Op het moment zijn er 500.000 FttH-aansluitingen. De uitrolcapaciteit van glasvezel bedraagt nu 350.000 per jaar. Volgens Reggefiber kan de uitrolcapaciteit toenemen tot maximaal 600.000 per jaar, wanneer gemeenten zorgen voor voldoende vraag en het proces en de financiering faciliteren.

De kernvraag is uiteindelijk: mogen gemeenten en provincies geld steken in de komst van supersnel breedband? Het antwoord is ja. In de praktijk betekent dat nu glasnetten in plaats van koper. De tv-kabel zal zich moeten beraden of ze toch wil meedoen in financiering van de overgang van glas tot haar netten.

Dat ‘ja’ is uiteraard aan voorwaarden verbonden, maar die zijn verruimd als de Crisis- en Herstelwet van kracht wordt. Teneinde snel inzicht te bieden zijn alle elementen neergelegd in een ‘menukaart’ maar die kan niet zonder uitgebreide toelichting. Wat betreft financiering biedt die kaart twee mogelijkheden.

Ten eerste is dat een marktconforme garantstelling, lening of combinatie daarvan. Die moet bij voorkeur onder de 50 procent van de kosten blijven en wordt verstrekt als een hypotheek: als het misgaat neemt de gemeente het net over.

Ten tweede is dat zelf geld steken in het superbreedbandnet. In dat geval gaat het om een marktconforme participatie waarbij het totale aandeel van de overheid moet bij voorkeur onder de 50 procent blijven.

Randvoorwaarden

Na invoering van de Crisis- en Herstelwet wordt artikel 5.14 van de Telecomwet zodanig veranderd dat gemeenten mogen deelnemen in netten indien ze open toegang kunnen afdwingen. Verder zegt de Task Force als voorwaarden dat een gemeente zich niet operationeel met het net moet bezighouden en dat er met de organisatie en functies een scheiding moet zijn tussen de overheid en bedrijf.

Gemeenten mogen ook niet deelnemen in exploitatie, moeten de ‘exit-strategie’ bepalen en met de provincie beoordelen wat nu ‘ marktconform’ investeren is en hoe lang de investering moet duren. De provincie kan financiering door gemeenten ook bundelen en gezamenlijk behandelen.

De taskforce adviseert overheden ook: “Stel uw ambitie vast voor uw gehele gebied, maar ga van start in commercieel aantrekkelijke gebieden, met de harde afspraak om ook minder aantrekkelijke gebieden te verglazen. Deze keuze levert een rendabele business case op. Het voorkomt daarnaast een digitale tweedeling.”

Ondanks strenge voorwaarden tot op heden is er een record aantal glsvezelsubsidies en – investeringen goedgekeurd. Eurocommissaris voor ict Neelie Kroes liet zich afgelopen weekend positief uit over een plan voor glasinvestering van de provincie Limburg.

EZ moet actief zijn

Daarnaast adviseert de Task Force aan het ministerie om na te gaan of de OPTA verplichtingen voor openheid in de exploitatie stimulerend werken voor de komst van nieuwe diensten.

Ook kunnen participerende overheden voor superbreedband te praten met infrastructuurpartijen, financiële instellingen, VNG (gemeenten), IPO (provincies) en Aedes (woningcorporaties). De Task Force ziet ook voor woningcorporaties een actieve rol weggelegd. “Belangrijk daarbij is dat er een visie wordt uitgedragen waarbij het zo spoedig mogelijk verkrijgen van supersnel breedband in geheel Nederland als prioriteit wordt gesteld."

Breedbandmonitor

Ook moet EZ een ‘breedbandmonitor’ opzetten om periodiek in kaart te brengen welke aansluitingen er waar beschikbaar zijn met de groei; met de snelheden, kwaliteit en openheid.

In de Task Force zaten onder anderen Ferd Crone (burgemeester van Leeuwarden, PvdA), Jos Hessels (Gedeputeerde van Limburg, CDA) en Frits Huffnagel (wethouder Den Haag, VVD). De club stelt in de brief aan de minister:

“Tijdens ons werk voor de Task Force, waarbij met een groot aantal partijen is gesproken, ontstond een inspirerende sfeer. Die willen we graag overdragen aan alle gemeenten, provincies en woningcorporaties in Nederland. Zij zijn immers aan zet om de realisatie én het gebruik van een supersnelle breedbandige infrastructuur voor heel Nederland verder aan te jagen. Sterker nog: zonder hun inzet komt het niet, of niet snel genoeg, voor elkaar."