Dat heeft het Amerikaanse openbaar ministerie eind vorige week aan een federale rechter laten weten, meldt Wired. Justitie weigert te zeggen bij welke andere sites het in het kader van het strafrechtelijk onderzoek naar Wikileaks nog meer informatie heeft opgevraagd van de Nederlandse hacker Gongrijp, de IJslandse parlementarier Birgitta Jonsdottir en de Amerikaanse activist Jacob Appelbaum.

Eind vorig jaar gebeurde dat bij Twitter, dat uiteindelijk de gegevens van de rechter moest overdragen. Gonggrijp was vorig jaar kortstondig hulpvaardig bij een Wikileaks-project, de internetfilm Colleteral Murder.

Geen recht op roadmap

"De eis om meer informatie over afgesloten zaken laat zien dat het doel is om een roadmap van het onderzoek door de overheid te krijgen. Maar er is geen recht tot notificatie van dit soort ontwikkelingen in een vertrouwelijk strafrechtelijk onderzoek", stelt landsadvocaat Neil MacBride in een brief aan de rechtbank (PDF). Later deze maand buigt de rechter zich over de kwestie, die aanhanging is gemaakt door de burgerrechtenbeweging ACLU.

De ACLU vermoedt dat er in nog geheime stukken rond de Wikileaks-zaak gerechtelijke bevelen aan andere sites zouden kunnen zitten. Volgens MacBride is het een slecht idee om die stukken openbaar te maken. Als er al zulke bevelen zouden zijn, dan zullen de bedrijven volgens hem druk voelen om zich er tegen te verzetten, aldus MacBride. Hij wijst erop dat uit online publicaties door Gonggrijp en Jonsdottir blijkt dat zij internetbedrijven oproepen om verzoeken tot overdracht van hun gegevens tegen te gaan.