De FBI ziet gezichtsherkenning als de toekomst bij opsporing. Maar wees niet bang: alleen criminelen belanden in de omstreden database, zo zweerde de Amerikaanse federale opsporingsdienst eerder. Desondanks stuit het behoorlijk prijzige NGI-project (Next Generation Identification) veel privacyvoorvechters tegen de borst, onder meer vanwege de succesratio van 'slechts' 85 procent.

Handige opties

De opsporingsdienst zelf is verheugd met het gezichtsherkenningsprogramma, dat na drie jaar als gereed kan worden bestempeld. In de aankondiging van NGI wijst het alvast op twee handige opties. De eerste heet Rap Back en geeft autoriteiten automatisch notificaties over het criminele verleden van individuen op vertrouwensposities, zoals leraren.

Daarmee kunnen bijvoorbeeld ook gezochte mensen of verdachten in een opsporingsonderzoek worden gecontroleerd op verdere criminele activiteiten. De tweede functionaliteit heet Interstate Photo System (IPS). Daarmee gaat elke criminele identiteit door de biometrische molen en wordt hij of zij toegevoegd aan de database, die doorzoekbaar is voor opsporingsbeambten.

Maar daarbij blijft het niet. De FBI heeft al aangekondigd dat zij ook irisscans, DNA-analyse en spraakherkenning willen toevoegen aan de toolkit. Want, zo stelde de dienst vorige maand nog: zo kunnen we criminelen die al 14 jaar op de vlucht zijn vinden.