De financiële directeur van Google, George Reyes, heeft vorige week gesprekken gevoerd met enkele vooraanstaande vertegenwoordigers van zakenbanken, zo meldt de Financial Times.

De gesprekken zouden de opmaat moeten zijn voor de beursgang die in maart volgend jaar moet plaatsvinden. Over de mogelijke waarde van Google is nog niet gesproken tijdens de eerste gesprekken, al schat een anonieme betrokkene de marktkapitalisatie van de zoekmachine op 15 tot 25 miljard dollar (daarmee zou de koers-winst-verhouding zeker 100 bedragen).

Het belangrijkste gesprekonderwerp was de manier waarop de aandelen Google naar de beurs moeten worden gebracht. De directie van Google ziet wel wat in een elektronische veiling van de aandelen. Beleggers kunnen daarbij direct bieden op de aandelen.

Hiermee zouden de problemen die zich eind jaren negentig bij de ipo's (beursgangen) van internetbedrijven voordeden, kunnen worden voorkomen. De zakenbanken die de beursgangen destijds begeleidden, bepaalden de uitgifteprijs van een aandeel en naar wie de aandelen gingen.

De koers werd vaak expres 'laag' gehouden, zodat het aandeel op de eerste handelsdag vaak snel in waarde steeg. Ook gingen de aandelen vaak naar klanten en relaties. Die profiteerden flink van de forse koersstijgingen op de eerste dag, terwijl kleine beleggers met lege handen bleven staan.

Zeepbel

Of de door Google gewenste elektronische veiling van aandelen doorgaat, valt te bezien. Zakenbanken hebben al gewaarschuwd dat een dergelijke veiling ertoe kan leiden dat de waarde van de aandelen 'onrealistisch' hoog wordt. Een nieuwe zeepbel dus.

Hoe het ook zij, in één opzicht zal de beursgang van Google niet lijken op die van andere internetbedrijven. Google maakt namelijk winst. De winst wordt geschat op 150 miljoen dollar per jaar bij een omzet van 500 miljoen dollar. Op Wall Street wordt daarom al geruime tijd reikhalzend uitgekeken naar deze beursgang.