Op 1 februari 2003 keerde het ruimteveer Columbia terug van een ruimtemissie, maar raakte in de problemen omdat hitteschilden bij de lancering beschadigd waren geraakt. Bij de resulterende onploffing van de shuttle kwamen alle zeven inzittenden om het leven.

Tussen de resten van het ruimteveer die naar beneden 'dwarrelden' bevond zich een harde schijf met daarop gegevens van een belangrijk experiment. CVX-2 (Critical Viscosity of Xenon) bestudeert op welke manier xenon gas zich voortbeweegt bij microzwaartekracht. De opgeslagen gegevens konden van de harde schijf worden gered en in april zijn de onderzoeksresultaten gepubliceerd in het wetenschappelijke tijdschrift Physical Review E.

Uit het experiment is gebleken dat wanneer er flink door het gas wordt geroerd er een plotselinge verandering optreedt in de viscositeit .

Belangrijke resultaten

Dit verschijnsel, dat shear thinning wordt genoemd, is hetzelfde effect dat ervoor zorgt dat slagroom en ketchup plotseling een solide vorm aannemen wanneer er snel in wordt geroerd. Hoewel de resultaten van het onderzoek geen basis zijn voor een wetenschappelijke doorbraak, is Robert Berg, hoofdonderzoeker van het CVX-2-project, er zeer gelukkig mee: "De publicatie van de onderzoeksresultaten vormt de afsluiting van een onderzoek dat al meer dan 20 jaar loopt en dat sinds 2003 dagelijks in mijn gedachten is geweest. Het was een enorme opluchting om dit eindelijk te kunnen publiceren," zegt Berg tegen Scientific American.

Viscositeit

Het CVX-2 experiment moet de viscositeit van xenon meten wanneer het dichtbij z'n kritieke punt komt, een aanduiding voor de combinatie van temperatuur en luchtdruk waarbij vloeistof en gas niet meer van elkaar te onderscheiden zijn.

Tijdens de vlucht van de Columbia kon 85 procent van alle gegevens die waren verzameld tijdens het 370 uur durende experiment, al worden gedownload. Om het experiment te voltooien waren echter alle gegevens noodzakelijk en die leken verloren te zijn gegaan tijdens de crash.

Schijf toch niet verloren

Berg: "Na de crash van de Columbia gingen we er van uit dat de schijf uit zijn beschermende behuizing was gevallen en volledig was verbrand in de atmosfeer. Engineers van Johnson Space Center ontdekten de schijf echter in de hangaar bij het Kennedy Space Center, waar de overgebleven delen van de Columbia waren uitgestald." Nadat bleek dat de harde schijf de ontploffing en val had overleefd, werd hij naar Ontrack Data Recovery in Minneapolis gestuurd om uit te zoeken hoeveel informatie er nog gered kon worden. Daar bleek dat 99 procent van de gegevens nog intact te zijn.

Onderzoek niet snel herhaald

De resultaten van het onderzoek bleken overigens zo complex dat het nog jaren zal duren voordat er een conclusie uit kan worden getrokken.