Twee gemaskerde lieden in gevechtskleding doemen op. Ze brengen de Hitlergroet en presenteren hun slachtoffers als 'kolonisten uit Tadzjikistan en Dagestan', twee voormalige Sovjetrepublieken. Er klinkt luide muziek. Een gemaskerde man loopt met een mes in de hand op één van de twee geknielde mannen af. Wat ik zie, laat weinig aan de verbeelding over. De gemaskerde man is bezig met een onthoofding. Zijn mes zaagt en zaagt, maar het ziet er niet naar uit dat de nek meewerkt. Er wordt aan het hoofd gesjord en gedraaid. Weer gezaag. Wat duurt dit gruwelijk lang. Het hoofd komt eindelijk los van de romp. O man, wat is dit ziek.

Nu is meneer nummer twee aan de beurt. Hij komt er genadig vanaf met een schot door het hoofd. Zijn lijk ploft voorover in iets wat lijkt op een vers gedolven graf.

Voor zover ik heb kunnen nagaan, zijn deze beelden op geen enkele televisiezender uitgezonden. Op internet werden ze de afgelopen weken echter vol overgave getoond. Weblogger Bert Brussen die de beelden van de dubbele moord op zijn weblog linkt, legt uit waarom hij dat doet: "niet vertonen maakt de waarheid er echt niet beter op".

Alsof wél vertonen dat wel doet.

Deze week verscheen het promotieonderzoek van communicatiewetenschapper Koos Nuijten. Volgens hem is nieuws op de Nederlandse televisie de laatste 25 jaar sensationeler geworden. Dat zou te wijten zijn aan de komst van commerciële tv-zenders. Zij kwamen in de jaren negentig met nieuwsuitzendingen die sensationeler waren dan wat er tot dan toe te zien was. Bestaande nieuwsprogramma’s, waaronder het NOS Journaal, speelden daarop in.

Natuurlijk heeft Nuijten gelijk met deze open deur. De televisiekijker wilt sensatie en vandaag de dag zijn hoge kijkcijfers belangrijker dan het brengen van kwalitatieve programma’s. Vreemd is wel dat Nuijten het niet heeft over de invloed van internet. Als heden ten dagen iets de aanjager is van sensationeel nieuws en nieuws dat de onderbuik roert, dan is internet het wel. Daar klinkt meer dan ooit de lokroep van de burger die alles wilt zien.

Een ontwikkeling waarop websites als Skoeps.nl voorzichtig inspelen. Skoeps is een nieuwssite met louter foto's en video's die zijn ingestuurd door gewone mensen. "Ben je zelf ooggetuige van een nieuwswaardige gebeurtenis, leg deze dan vast met je mobiele telefoon", kopt de site, "journalisten zijn vaak pas aanwezig nadat een nieuwswaardige gebeurtenis heeft plaatsgevonden, ooggetuigen zijn er op het moment dat het gebeurt."

De seconden, direct na de frontale botsing, die willen we zien! Zoals dat gaat tegenwoordig: televisie volgt internet op de voet. Ik op TV is een programma van Endemol, dat vanaf 3 september door zeven regionale omroepen wordt uitgezonden. Het programma zoekt via haar website burgerjournalisten die op vrijwillige basis met een telefoon van de omroep nieuws uit de provincie willen verslaan.

Het nieuws ligt op straat. Letterlijk. Daarom neemt de burgerjournalist het over op internet. Nou ja, burgerjournalist… 'toevallige voorbijganger' of 'passant' zou een betere benaming zijn.

Politie en hulpverleners zijn niet gerust op deze nieuwe ontwikkeling. Hadden ze het eerst te stellen met malloten die ambulancepersoneel molesteren, nu krijgen ze het ook aan de stok met lieden die met hun mobieltje de open beenbreuk van een vers overreden fietsers willen filmen.

Iedereen is een reporter, luidt het nieuwe adagium op internet. Internet als elektronische boulevardkrant. Wat dat precies inhoudt, begreep ik toen ik deze foto op nieuwnieuws.nl zag. "Sommige fotografen gaan wel heel erg ver om goede foto's te maken", luidt het onderschrift. Waarschijnlijk dacht de schrijver van het onderschrift hier een toegewijde paparazzi aan het werk te zien. Onzin, dit is gewoon een burgerjournalist in actie.