De Amerikaanse privédetective Bryan Wagner wacht nog op zijn veroordeling in de spionagezaak rond HP. Wagner is de laatste betrokkene tegen wie nog een zaak loopt. Hij is in 2006 ingehuurd door HP om journalisten van enkele grote Amerikaanse media en topmensen van HP zelf te bespioneren. Zijn opdracht was uit te vinden wie er in het HP-bestuur al geruime tijd vertrouwelijke informatie lekte aan die media.

Schuldbekentenis

De uitspraak in de zaak tegen Wagner zou eigenlijk vorige week zijn, maar dat is plots uitgesteld, meldt persbureau AP. De privédetective heeft tweeënhalf jaar geleden al meteen schuld bekend voor de beschuldigingen van identiteitsdiefstal. Voor het HP-onderzoek heeft Wagner zich namelijk tegenover telefoonmaatschappijen voorgedaan als de journalisten om toegang te krijgen tot hun rekeningen met nummeroverzichten.

De privédetective is de laatste, maar ook laagste betrokkene in deze spionagezaak. De overige betrokkenen hebben altijd ontkend op de hoogte te zijn geweest van de details - en daarmee van de wetsovertredingen en privacyschendingen. Daarbij hebben betrokken en aangeklaagde topmensen zich onthouden van getuigenissen, om zichzelf niet te beschuldigen. De aanklachten tegen die vier topmensen zijn uiteindelijk geschrapt.

Bestuur verdenkt bestuur

Deze hele affaire is begin september 2006 aan het licht gekomen. HP-bestuursvoorzitter Patricia Dunn zou niet alleen opdracht hebben gegeven tot het bespioneren van journalisten, maar ook op de hoogte zijn geweest van daarbij gepleegde wetsovertredingen. Zelf ontkende ze dat. Het was toen al duidelijk dat het onderzoek hiernaar vele maanden in beslag zou nemen.

Dunn is tijdens dat onderzoek opgestapt, net als enkele andere topmensen en de hoofdavocaat van HP. Het blootgelegde lek, bestuurslid George Keyworth, is toen ook vertrokken bij HP. Hij had het vertrouwen in het bedrijf verloren, maar zijn positie was natuurlijk ook onhoudbaar geworden. HP-ceo Mark Hurd heeft naar de buitenwereld toe wel zijn verontschuldigingen aangeboden, maar stelt dat de spionage-affaire zeker niet representatief is voor zijn bedrijf.

3 ton en enkele miljoenen

Het omstreden onderzoek - en daarmee de ontmaskering van de informatielekkende topman - heeft HP 325.000 dollar gekost. Dat was tenminste het bedrag op de factuur die begin oktober 2006 is ingediend bij het ict-bedrijf. Uiteindelijk heeft het HP natuurlijk veel meer gekost. Naast de moeilijk concreet te maken kosten van de geleden reputatieschade is er ook nog de forse schikking die HP in december dat jaar trof. Het betaalde in totaal 14,5 miljoen dollar om de civiele rechtszaak over de spionagekwestie te schikken.