Het tweede kwartaal van IBM was een roerige. Het bedrijf rondde de verkoop van zijn pc-divisie aan het Chinese Lenovo af. Deze werd verkocht voor 1,8 miljard dollar. Ook kreeg 'Big Blue' een vergoeding van 775 miljoen dollar van Microsoft in de antitrustzaak die het had aangespannen. Tot slot zit IBM midden in een grote reorganisatie die 1,7 miljard dollar kost.

Los van deze eenmalige kosten en baten kwam de winst van IBM uit op 1,8 miljard dollar. Dat is 4 procent hoger dan in dezelfde periode vorig jaar. De winst was met 1,12 dollar per aandeel hoger dan analisten hadden voorspeld.

De omzet in het tweede kwartaal eindigde op 22,3 miljard. Een jaar eerder was dit nog 23,1 miljard dollar, maar als de resultaten van de pc-divisie niet worden meegerekend is de omzet in een jaar tijd met 6 procent gestegen.

Financieel directeur Mark Loughridge toonde zich in zijn nopjes met de cijfers. Volgens hem zijn de hard- en softwareverkopen sterker geworden. Alleen de verkoop van zSeries-mainframes bleef 24 procent achter vergeleken met vorig jaar. In september worden de nieuwe zSeries-servers op de markt verwacht.

IBM zit nog midden in een grote kostenbesparing. Dit loopt volgens Loughridge beter dan verwacht. In april was het plan om wereldwijd 13.000 banen te schrappen. Uiteindelijk zullen er 14.600 banen verdwijnen. De meeste ontslagen daarvan komen voor rekening van Europa. "Dit is een van de succesvolste reorganisaties die ik in de laatste twintig jaar heb gezien", aldus Loughridge.