Van de 24 procent Nederlanders die de afgelopen tijd online zijn geweest, heeft dertien procent via het net een aankoop gedaan. Dit blijkt uit recente gegevens van marktonderzoeksbureau IDC. Volgens IDC doet Nederland niet onder voor de rest van West-Europa. Uit het onderzoek, dat is gehouden onder de bevolking van twaalf West-Europese landen, blijkt dat in het gehele gebied een kwart van alle inwoners over internettoegang (thuis, op het werk, bij vrienden, et cetera) beschikt. Vijf procent hiervan heeft een online aankoop gedaan in de drie maanden van 1999 waarin het onderzoek is gedaan. Uit de studie komen opmerkelijke verschillen naar voren. In Zweden is zestig procent van de bevolking online, in Frankrijk slechts zestien procent. In Groot-Brittannië doet meer dan een kwart van de internetgebruikers aankopen via het net, in Spanje koopt slechts twee procent online. Het risico op creditcardfraude weerhoudt sommige consumenten ervan online te shoppen. Ook zijn mensen er niet altijd zeker van of er achter een website een bonafide bedrijf schuil gaat, aldus IDC. In tegenstelling tot Amerikanen houden Europeanen zich weinig bezig met de prijsverschillen ten opzichte van de normale winkels en de aflevertijden van producten. Europeanen zijn per dag minder uren online dan Noord-Amerikanen, concludeert IDC. Slechts een kwart van de Europese internetgebruikers is meer dan anderhalf uur per dag online. Volgens IDC is dat te wijten aan de hoge telefoonkosten. Noord-Amerikaanse internetgebruikers betalen een vast bedrag per maand, gemiddeld tussen de 15 en 25 dollar voor ongelimiteerde internettoegang. De kosten in Europa liggen doorgaans aanmerkelijk hoger. IDC voerde het onderzoek 'European Internet and eCommerce: Ready for 2000?' in de herfst van vorig jaar uit onder 10.600 huishoudens in Duitsland, Groot-Brittannië, Frankrijk, Italië, Spanje, Nederland, Zweden, Denemarken, Noorwegen, Finland, Zwitserland en Oostenrijk.Eerdere relevante berichten: Nederland wellicht koploper met internetgebruik (25 november 1999)