In een verklaring beschuldigt de EU Intel van misbruik van zijn dominante marktpositie. Daarmee zou het concurrent AMD uit de markt voor x86-processors hebben geduwd.

De nieuwe lijst, die door de Commissie een supplementary statement of objections (SSO) wordt genoemd, richt zich op drie nieuwe gevallen van misbruik die zouden hebben plaatsgevonden nadat de eerste lijst met bezwaren was gestuurd. Deze nieuwe bezwaren zullen niet worden gebruikt in een nieuwe rechtszaak, maar toegevoegd worden aan de huidige zaak die tegen Intel loopt.

Onwettige vergoedingen

Volgens de EC heeft Intel ditmaal de antritrust-wet overtreden door hoge vergoedingen te betalen aan een groot bedrijf dat pc's verkoopt. Voorwaarde voor de vergoeding was dat dit bedrijf alleen maar computers van Intel zou verkopen. Om welk bedrijf het gaat is officieel niet bekend, maar analisten vermoeden dat het gaat om het concern Media Markt, één van de grootste elektronica-ketens van Europa.

Daarnaast zou Intel een pc-fabrikant hebben betaald om de lancering van een reeks AMD-producten te vertragen. Het is niet bekend om welke OEM-fabrikant het gaat. De derde beschuldiging heeft betrekking op dezelfde OEM-fabrikant, die geld zou hebben ontvangen van Intel en in ruil daarvoor alle CPU's bij Intel moest bestellen.

Europese Commissie achter AMD

De nieuwe serie aanklachten is een grote opsteker voor AMD, dat hiermee de Europese Commissie aan haar zijde vindt. AMD klaagde Intel in 2006 aan wegens vermeend misbruik van zijn dominante marktpositie.

Intel reageert teleurgesteld: "Het sturen van een reeks nieuwe aanklachten suggereert dat de Europese Commissie het eens is met AMD over het feit dat Intel geen eerlijke concurrentie mag bieden en haar klanten korting mag geven om de prijzen voor consumenten zo laag mogelijk te houden. Het is duidelijk dat de nieuwe aanklachten voortkomen uit dezelfde reeks klachten die onze concurrent AMD al meer dan tien jaar verkondigt tegenover instanties en de rest van de wereld".

Intel vreest niet

Ondanks de nieuwe aanklachten vreest Intel de rechtszaak niet: "Intel heeft vertrouwen in het feit dat de wereldwijde markt voor microprocessors prima functioneert en veel concurrentie kent. Het gedrag van Intel in deze markt is altijd wettig geweest met een gezonde strijdlust op het gebied van concurrentie, waar de consument van profiteert. Het antwoord van Intel op deze aanklachten, zal aantonen dat alle beschuldigingen ongefundeerd zijn."

Intel heeft acht weken om een schriftelijke reactie te geven op de nieuwe reeks beschuldigingen, waarna het zich mag verdedigen tegenover de Commissie, AMD en andere belanghebbende partijen.