Webwereld zoekt de beste IT-architecten van Nederland. Uit de vele aanmeldingen heeft de jury tien finalisten geselecteerd, die elk in een interview worden belicht.

Jumelet vat it-architectuur bondig samen, maar vergeet vervolgens niet uit te bouwen om de complexiteit van het vakgebied te benoemen. Let op de lange termijn, zorg voor goed beheer en vergeet ook de consistentie niet, vertelt de consultant van Sogeti. Hij ziet nog veel braak liggen in de architectuur, en promoot daarvoor zijn nieuwe methodiek die de it-architect een gereedschapskist biedt. "Dat heeft wel tijd nodig."

Wat is architectuur voor jou?

"Als ik een heel korte definitie moet geven, dan is architectuur richting geven aan de ontwikkeling van een it-landschap, met oog voor een efficiënte exploitatie. Dat laatste wordt nog wel eens over het hoofd gezien. Het moet een landschap zijn waar het prettig wonen is, maar dat ook goed moet kunnen worden beheerd. Na de implementatie moeten de voorzieningen jaren en jaren blijven draaien, en in het beheer zitten heel veel kosten. Als je iets oplevert dat er wel mooi uitziet, maar moeizaam beheerd kan worden, dan is het een relatief dure oplossing. Aan de andere kant moet het landschap consistent zijn, en voor de gebruikers moet het die functionaliteit bieden die ze nodig hebben."

"De architect geeft daar richting aan, want vaak is het zo dat je in een bedrijf een al bestaande situatie hebt. Je krijgt maar heel weinig de kans om zo’n heel landschap op de schop te nemen. Daar moet je dan wel op het juiste abstractieniveau mee omgaan. Niet op technisch niveau, maar op het niveau van functionaliteit en kwaliteitseisen. Dat moet je op een heldere manier omschrijven, zodat de verschillende belanghebbenden er over kunnen meepraten en kunnen meedenken. Belanghebbenden zijn bijvoorbeeld gebruikers, betalers, de business, service managers, beheerders, je hebt heel veel mensen die er een rol in spelen. Ik denk dat de architect een bruggenbouwer is. Je moet het zo beschrijven dat er van alle kanten inspraak mogelijk is."

Waar ben je trots op?

"Waar ik heel trots op ben, is de innovatie, de research en development die ik heb getrokken op het gebied van infrastructuur architectuur, DYA|Infrastructuur. Dat is nog steeds een unieke methodiek. Ook internationaal is er veel belangstelling voor, en steeds is de teneur hetzelfde: 'Help, er is heel weinig, kun je ons verder helpen?!' Na het uitbrengen van het boek over de methodiek zijn we ook niet gestopt met innoveren. Nu zijn we bezig met een infrastructuurarchitectuurbibliotheek op een semantische wiki."

"DYA|Infrastructuur is in feite een gereedschapskist voor de infrastructuurarchitect, daar waar eigenlijk nog heel weinig methodieken en tools voorhanden zijn. Het gaat dan om ‘good practices’, een goed decompositiemodel om een landschap in kaart te brengen, goed te kunnen beschrijven en het te moduleren, en daarnaast aanwijzingen om aan te sluiten bij andere disciplines, bijvoorbeeld service management. Inmiddels hebben we een hele bibliotheek met universele infrastructuurfuncties. Functies die eigenlijk in ieder landschap wel voorkomen, uiteraard in allerlei varianten, maar als type goed herkenbaar zijn. Daarmee kun je heel snel een architectuurschets maken. Die bibliotheek willen we binnenkort beschikbaar stellen."

Waar ben je nu mee bezig?

"Ik doe nog steeds research en development, maar ik werk ook bij veel bedrijven als coach, adviserend op het gebied van infrastructuur architectuur. Onder andere bij TNT post, die eigen infrastructuurbibliotheek hebben opgezet. En onlangs hebben we samen met KLM Air France zo’n bibliotheek in een semantische wiki gezet. Andere organisaties die de methodiek toepassen zijn Reaal en het Ministerie van LNV. Dat zijn behoorlijk grote organisaties met complexe infrastructuren die nu met mijn methodiek aan de slag zijn. Mijn rol bij die klanten is te kijken wat ze aan infrastructuur architectuur doen, hoe het beter kan en meer methodisch."

"Bij het coachen merk ik dat er heel veel mensen aan de infrastructuurkant zijn die nog behoorlijk technisch denken en die het moeilijk vinden om wat abstracter over infrastructuur na te denken. Ik vind het fantastisch om te proberen mensen in hun werk te inspireren en te laten zien dat je ook op een andere manier tegen de materie aan kunt kijken."

"Dat is onderdeel van het bruggenbouwen, want op het moment dat jij over je infrastructuur praat in termen van technische componenten en technische producten, zal een niet-technische persoon heel snel afhaken. Terwijl het echt handen en voeten krijgt als je praat over functies, zoals ‘mail’ of ‘centrale opslag’ en ‘netwerktoegang’."

"Daarnaast ben ik als interim-architect bezig bij kleine organisaties die zelf geen infrastructuur architecten hebben, zoals bij de bibliotheek in Rotterdam. Daar heb ik samen met de infrastructuurbeheerder een goed onderbouwde outsourcing strategie opgesteld."

Waarin heb je je wel eens misrekend?

"Wat ik heb onderschat, is hoeveel tijd het kost om een manier van werken door mensen te laten aanvaarden. In 2007 is mijn boek over DYA|Infrastructuur uitgebracht. Een van de eersten die met de methodiek aan de gang gingen was TNT-Post, en daar zaten een paar mensen die het ontzettend snel oppikten. Maar later ben ik toch wel in situaties gekomen waarin mensen heel veel moeite hadden om er iets mee te kunnen. Ik heb moeten leren om nog beter naar mijn vakgenoten te kijken, om te kijken wat ze op dit moment belangrijk vinden en hoe ik ze kan helpen."

"Daardoor heb ik heel veel leren relativeren. In het begin had ik een nieuwe hamer en dan denk je dat de hele wereld een spijker is. Maar dat is niet zo. Dat heb ik gaandeweg moeten leren. Een nieuwe methodiek op een vakgebied waarop nog heel weinig is, dat heeft gewoon tijd nodig. En dat is niet erg."

Waarom ben jij IT-architect van het jaar?

"De belangrijkste reden die ik kan bedenken, is de innovatie op het vakgebied. Waar ik denk ik toch wel een heel grote bijdrage aan heb geleverd; al een aantal jaar en nu nog steeds. En ik denk dat de nadruk best mag liggen op innovatie en groei, op de emancipatie van het vak. Vanwege het feit dat we met z’n allen toch echt nog op reis zijn, binnen een vakgebied dat nog heel jong is en heel sterk in ontwikkeling."