Dat blijkt uit onderzoek ( pdf) dat IPM KidWise in opdracht van Orange heeft gehouden onder 400 kinderen tussen tien en veertien jaar. Van de 14-jarigen heeft 98 procent een mobiele telefoon, van de 10-jarigen 79 procent. Het gemiddelde is 89 procent. Eenderde van de ondervraagde kinderen kan zich geen leven zonder mobiele telefoon meer voorstellen. De meeste kinderen krijgen hun eerste mobiele telefoon als ze negen of tien zijn. Ouders willen graag dat hun kinderen bereikbaar zijn en betalen de rekening. Naarmate de kinderen ouder worden, moeten ze vaker zelf voor de kosten opdraaien. De kinderen gebruiken hun telefoons vaker om te sms'en (49 procent) dan om te bellen (35 procent). Een kwart van de jongeren gebruikt de telefoon om spelletjes te spelen. Spelletjes spelen is voornamelijk een jongensaangelegenheid. Sms is het populairst bij meisjes. Kinderen bellen het meeste naar hun moeder (37 procent), vooral om te vertellen waar zij zijn (31 procent). Vriendjes en vriendinnetjes komen op de tweede plaats (31 procent), op de derde plaats gevolgd door vader (11 procent). De meeste kinderen verbellen vijf tot tien euro per maand. 'Grootverbruikers' zijn de meisjes op de middelbare school. Zij verbellen tussen de tien en twintig euro per maand. In het onderzoek is ook gekeken naar de normen en waarden bij het bellen met mobiele telefoons. Kinderen vinden dat je niet mag bellen in de bioscoop en in de klas. In het openbaar vervoer moet je niet te hard praten. Daarnaast is ook mobiel roddelen, je verkering uitmaken, sekslijnen bellen en bejaarden stalken (!) uit den boze.