De Koninklijke Bibliotheek (KB) ging vorig jaar met Google in zee voor het digitaliseren van 160.000 boeken. Het gaat om klassieke werken afkomstig uit de periode 1700-1870, waarvan het auteursrecht is verstreken. De boeken worden nu ingescand en het eerste deel staat begin volgend jaar online. Welke voorwaarden Google stelt aan het inscannen van de boeken blijft onduidelijk.

Gevaar voor cultureel erfgoed

Veel mensen zijn kritisch over de samenwerking met Google. Freelance Informatiespecialist Edwin Mijnsbergen heeft ook zijn bedenkingen. "Het doel van Google is het digitaliseren van alle boeken die ooit geschreven zijn. Het scannen van de boeken bij de KB loopt waarschijnlijk in de miljoenen", zegt hij, "Wanneer dergelijk cultureel erfgoed in handen van een winstgevend bedrijf komt, is er altijd een risico dat het op termijn achter een betaalmuur komt te staan".

Ook Ingmar Koch, beleidsmedewerker archiefinspectie, is sceptisch en ziet als voornaamste bezwaar dat Google nog zo'n jong bedrijf is. "Het is maar zeer de vraag of en hoe lang het bedrijf in deze vorm (Don't do evil) blijft bestaan en wat er dan gebeurt met de (rechten op) de digitale reproducties", mailt hij Webwereld.

Mark Jansen, woordvoerder Google Nederland, reageert per mail: "Als gevolg van deze overeenkomst, biedt Google gebruikers de volledige tekst van alle gescande boeken (waar geen copyright meer op zit) volledig gratis aan. Ook is deze overeenkomst niet exclusief; als de KB de boeken binnen andere projecten (nogmaals) zou willen digitaliseren, staat dat de KB vrij."

'Contract mag niet geheim zijn'

Maar het contract tussen Google en de KB blijft geheim. Dit laat ruimte open voor speculatie. Op de vraag waarom het contract niet publiekelijk beschikbaar is, reageert Kirsten van Hulsen (projectleider KB) tegen Webwereld: "Het is bij de Koninklijke Bibliotheek niet standaard om contracten te publiceren. Dat geldt hetzelfde voor dit contract". In contracten kan volgens haar bedrijfsgevoelige informatie staan die niet zomaar aan iedereen mag worden verstrekt. Ook Jansen geeft aan dat contracten die Google aangaat met partners niet publiekelijk worden gedeeld.

Opmerkelijk genoeg beweerde KB-directeur Bas Saveneije afgelopen juni (KB-magazine, pag. 9) dat het contract niet geheim mocht zijn: “Voor ons samenwerkingsproject met Google had ik drie voorwaarden. Ten eerste, wat op papier in het publieke domein is, moet ook digitaal in het publieke domein blijven. De overeenkomst mag niet exclusief zijn en ten slotte, het contract mag niet geheim zijn. Google ging akkoord met deze voorwaarden."

Alleen via de WOB inzichtelijk

In reactie op de blog die hem confronteerde met zijn uitspraak, krabbelde Savenije terug en schreef dat contracten met andere partijen nooit op de website worden gepubliceerd. Wat Savenije dan precies bedoelde met 'niet geheim' legt projectleider Van Hulsen uit: "Het contract is wel gewoon openbaar, maar alleen via een WOB-procedure. Wanneer iemand het contract via de WOB aanvraagt is het gewoon inzichtelijk, mits de aanvrager voldoende belang heeft voor inzage in de gegevens."

WOB-expert Brenno de Winter reageert dat de KB weinig van de WOB heeft begrepen. Volgens hem is het voor een WOB-aanvraag voldoende om het document aan te vragen via een telefoongesprek: "Verder hoeft de aanvrager geen belang aan te tonen voor inzage [art. 3, lid 3]. Het gaat hier om passieve openbaarheid en daarvoor is de vraag naar inzage in het contract voldoende." Webwereld heeft inmiddels een WOB-aanvraag ingediend.

Update:

Er blijkt nog een wob-procedure over het Google-document te lopen. Deze is ingediend door Ingmar Koch. Op beide verzoeken wordt maandag een beslissing genomen, laat de Koninklijke Bibliotheek weten.

"Dit mag ook niet langer", reageert wob-expert De Winter, "omdat de Wob er vanuit gaat dat over documenten zo spoedig mogelijk wordt beslist zodra ze voorhanden zijn. Juist een bibliotheek zou niet droog kunnen houden dat ze langer moeten zoeken naar een simpel contract."