Dat zou blijken uit een nog vertrouwelijk onderzoek van de commissie Kist, waaruit het Algemeen Dagblad citeert. Voormalig topman van de Autoriteit Financiële Markten Anne Kist onderzoekt de kosten van de invoering van de chipkaart nadat eerder dit jaar bleek dat die een kostenoverzicht ontbrak.

De commissie zou hebben geconcludeerd dat de chipkaart op dit moment al 100 miljoen euro duurder is uitgevallen dan de aanvankelijk geraamde 250 miljoen euro. Daar zal tot en met 2017 jaarlijks nog 18 miljoen euro aan extra kosten bij komen.

De extra kosten worden veroorzaakt door problemen met de toegangspoortjes en andere problemen waardoor de strippenkaart langer in gebruik blijft dan gepland.

Plannen voor invoer ongewijzigd

Hoewel de kosten hoger uitvallen, pleit de commissie ervoor om de invoering van de chipkaart voort te zetten. De kosten van een alternatief zouden namelijk nog hoger uitvallen.

De commissie wijst geen duidelijke schuldig aan, hoewel staatsecretaris Huizenga van Verkeer en Waterstaat nadrukkelijk wordt vrijgepleit.

Vooral de aandeelhouders van Trans Link Systems (TSL), de organisatie die verantwoordelijk is voor de invoering van OV-chipkaart, krijgen een veeg uit de pan. De NS, HTM, GVB en RET zouden onvoldoende hebben samengewerkt. Daarnaast waarschuwt hij voor 'een mengsel van incidenten die gebrekkig worden afgehandeld, media-aandacht en politieke bemoeienis'. Zo'n 'samenloop kan explosief zijn en de klantacceptatie verder reduceren'.

Connexxion stapt uit TSL

Vorige week werd al bekend dat Connexxion zijn aandelen in TSL afgelopen zomer heeft verkocht. De organisatie had eerder al geklaagd dat het niet wilde opdraaien voor eventuele extra kosten van de invoering van de OV-chipkaart. Connexxion ontving als enige aandeelhouder geen overheidssubisidie, en kan bij eventuele meerkosten daarom niet op steun rekenen. Het vervoersbedrijf houdt overigens vast aan zijn plannen om de chipkaart in te voeren.