Microsoft benadrukt op haar eigen website nadrukkelijk dat open-source besturingssystemen (zoals Linux) niet kunnen tippen aan besturingssystemen van Microsoft. Het bedrijf baseert zich bij het trekken van deze conclusie onder meer op gegevens van TPC (The Transaction Processing Performance Council), een autoriteit op het gebied van benchmark-testen.

Dit instituut komt nu met de resultaten van een test waaruit blijkt dat software gebaseerd op Linux wel degelijk software van Microsoft kan verslaan. TPC vergeleek de prestaties van DB2 7.2 (database software van IBM) op een Linux 2.4.3 server met de SQL Server 2000 draaiende op Windows 2000. Het systeem dat draaide op Linux kwam als winnaar uit de bus.

TPC keek bij het onderzoek naar de manier en effici├źntie waarop grote hoeveelheden data aangesproken en getransporteerd worden.

TPC noemt de manier waarop het de prestaties meet de Composite Query-per-Hour Performance Metric ([email protected]) en weerspiegelt de verschillende mogelijkheden van een systeem met bepaalde hoeveelheden data om te gaan. De nummer 1 uit de test (DB2 7.2 op Linux 2.4.3) versloeg de nummer 2 (SQL Server 2000 op Windows 2000) in de verhouding 2733 QphH ten opzichte van 1699 QphH.

De test van TPC geeft een goede indicatie van de prestaties van verschillende systemen. Dit soort testen kan een goede indicatie zijn voor bijvoorbeeld een bedrijf dat zich bij de keuze van een bepaalde server in combinatie met specifieke software baseert op prestaties.

Kenners wijzen er echter op dat de geteste configuraties niet zonder meer met elkaar kunnen worden vergeleken. Zo verschilt de manier waarop Linux (en alle andere Unix-varianten) bestanden op een harde schijf aanspreekt van die van Windows. Linux kan in het algemeen beter en sneller omgaan met data op een harde schijf dan Windows. Dit heeft onder meer te maken met de verschillen in de bestandsindeling.