Inzet van het geschil is de site van een klant van Lycos. Deze publiceerde anoniem beschuldigingen over de werkwijze van een Tilburgse postzegelhandelaar. Lycos weigerde afgifte van de klantgegevens aan de postzegelhandelaar, aangezien de bewuste website inmiddels verwijderd was. Bovendien kon van de beschuldigingen niet gezegd worden dat ze onmiskenbaar onrechtmatig waren. Lycos zag dan ook geen aanleiding om de anonimiteit van zijn klant op te heffen, zo bleek eind juni. Het Amsterdamse Hof was het weliswaar met Lycos eens dat de informatie op de website niet onmiskenbaar onrechtmatig was, maar oordeelde dat Lycos toch de klantgegevens moest verstrekken. Het zou maatschappelijk gezien ongewenst zijn, zo stelde het hof, als een websitehouder op geen enkele manier aangesproken kan worden, terwijl de informatie op de website mogelijk onrechtmatig zou kunnen zijn.

Vrijheid

Deze opmerkelijke uitspraak zorgde, niet alleen bij Lycos, voor veel beroering. Internetadvocaat Christiaan Alberdingk Thijm stelde bijvoorbeeld tegenover WebWereld dat het Amsterdamse Hof 'de vrijheid van de internetgebruiker om anoniem zijn mening te uiten, vergaand heeft opgeheven'. Lycos overwoog na de uitspraak direct al in cassatie te gaan, wat nu dus ook is gebeurd. Het internetbedrijf vindt het veel te ver gaan om de anonimiteit van een klant op te heffen in een situatie waarin er geen sprake is van `onmiskenbaar onrechtmatige informatie'. Het Amsterdamse Hof handelt volgens Lycos bovendien in strijd met de Europese e-commercerichtlijn. Deze heeft juist tot doel heeft de aansprakelijkheid van internetproviders, die alleen als doorgeefluik van informatie fungeren, te beperken. Lycos hoopt op een principiële uitspraak van de Hoge Raad over het afgeven van klantgegevens aan derden, ook in het geval dat de website van die klant niet onmiskenbaar onrechtmatig is.