Voor mij is het simpel. Als je vindt dat er een publieke omroep moet zijn, moet die publieke omroep alle media kunnen inzetten om zijn taak te vervullen, zijn rol in te nemen en zijn publiek te bereiken. Dan maak je geen onderscheid tussen media. Als je vindt dat een publieke omroep waarde heeft, moet die publieke omroep aan kunnen blijven sluiten op mediagebruik en mediawensen van het publiek.

Maar vind je dat de publieke omroep oneerlijk concurreert op internet, dan moet je van het nieuwste distributiemedium geen uitzondering maken. Dan geldt dat evenzo op andere media. Want Radio 1 concurreert dan met BNR en het NOS Journaal concurreert met het RTL Nieuws. Wat mij betreft is het het een of het ander en getuigt de huidige mening van de VVD, dat de publieke omroep zich op internet zo’n beetje moet beperken tot Uitzending Gemist, van weinig visie. Wees dan consequent en zeg dat de publieke omroep helemaal weg moet. Simpel.

Ik snap de redenering van de tegenstanders van een publieke omroep, ik ben het er alleen niet mee eens. Ik zie programma’s en sites van waarde die ik elders niet zie. En die gaan ook niet gemaakt worden door anderen, omdat ze onvoldoende waarde voor adverteerders hebben, of te duur zijn om te produceren, of zich nog in een experimentele fase bevinden. Laat ik voor mezelf spreken en een enkel voorbeeld uit eigen verleden nemen. Een initiatief als Holland Doc was er niet gekomen zonder publieke omroep. Ik vind het (maatschappelijk) belangrijk dat er een online omgeving is waar documentaires worden gemaakt, besproken en getoond, ook als ze tv niet halen. Op die plaatsen wordt bekeken welke nieuwe vertelvormen mogelijk zijn met nieuwe media.

Maar er is meer. Ik vind juist dat de publieke omroep moet innoveren en experimenteren op het gebied van nieuwe media. Wie online terugkijkt, ziet dat de publieke omroep regelmatig voorop heeft gelopen bij ontwikkelingen. De omroep heeft bijvoorbeeld een aanzienlijke rol gespeeld bij de acceptatie van breedband internet, door snel in te springen op mogelijkheden van streaming audio en video. Die snelle omarming van breedband heeft anderen weer geholpen om diensten te beginnen en dus geld te verdienen. De publieke omroep als R&D afdeling met waarde voor commerciële partijen.

De publieke omroep kan al sinds 1994 experimenteren op terreinen waar voor commerciële partijen nog geen geld te verdienen was, of waarvan ze de mogelijkheden en het belang nog niet zagen. Want een enorme hand in eigen boezem zou toch wel op zijn plaats zijn bij de kranten en zenders die de kracht van internet niet of veel te laat gezien hebben en voornamelijk onvermogen tot aanpassen en innoveren hebben getoond. Als een Volkskrant zegt dat de nieuwsvoorziening van de publieke omroep het tot wasdom komen van andere sites heeft gehinderd, zeg ik: daar heeft NU.nl dan geen last van gehad. De klassieke spelers hebben zichzelf voor een belangrijk deel en tot op de dag van vandaag dwars gezeten. Dan is het minimaliseren van de publieke omroep op internet echt geen oplossing.

Maar... ook ik vind dat het anders moet. En ik bevind me in het gezelschap van Laurens Verhagen (NU.nl) en Hoxha, de voormalig Geen Stijl-man.

Mijn drie belangrijkste punten:

* Maak een publieke omroep echt publiek en stop met reclames. Het gecombineerde model is nooit uit te leggen geweest. Maak dat helder. Dan vist de publieke omroep ook niet in de advertentievijver van anderen.

* Geef de door en voor de publieke omroep geproduceerde inhoud vrij voor gebruik door anderen middels creative commons licenties. Materiaal gemaakt met publieke middelen moet in te zetten zijn door anderen. Dan profiteren alle andere partijen van een kleine eeuw aan met publieke middelen gemaakte inhoud en gaat de publieke omroep profiteren van de creatieve kracht van de buitenwereld. En als dat met terugwerkende kracht rechtentechnisch niet haalbaar is, maak het een voorwaarde voor toekomstige producties.

* Werk met open source techniek en geef de zelf geproduceerde technische oplossingen onder open source licenties vrij. Laat anderen profiteren van het denkwerk en de werkkracht binnen de publieke omroep.

Zet de publieke middelen publiek in.