Opeens was-ie er: nycasd.com. Fotograaf Ron Kruit en ik spiegelen New York en Amsterdam. Gewapend met een digitale camera zijn we dagelijks op zoek naar "verschillende overeenkomsten" tussen de twee wereldsteden. Hij in Amsterdam, ik in New York. Die zetten we op het web naast elkaar.

Eerst op het stukje webserver dat bij onze inbelaccounts is inbegrepen. De frontpage bij XS4All en een archiefje bij Earthlink. Leuk geintje. Maar al snel wordt dit geintje serieus en zitten we op nycasd.com. Ook omdat we een beetje bang waren dat iemand met onze naam aan de haal zou gaan. En inmiddels willen we maar één ding: hits, hits, hits. Daar moeten we natuurlijk wel wat voor doen. Ik ga niet meer de deur uit zonder digitale camera. Mijn vriendin noemt het een obsessie.

Fotograaf Kruit ken ik uit een grijs verleden toen ik voor het muziektijdschrift WATT werkte. Ik kende hem nauwelijks. Ik kwam hem tegen in de lobby van Hotel American nadat hij Henry Rollins had gefotografeerd en ik naar binnen kon voor het interview. Of we struinden een dagje door Parijs om Suede te fotograferen en te interviewen.

Later schakelde ik Kruit in voor Net Magazine en zag ik hem zijn eerste stappen online zetten. Het contact was doorgaans vrij zakelijk en per e-mail. Dat veranderde toen ik naar New York verhuisde. Nog steeds via de e-mail, maar bijna dagelijks en steeds persoonlijker. Zo leerden we elkaar echt kennen.

Ik ben dan al met een digitale camera in de weer. En als Kruit ook een digitale camera koopt, is het hek van de dam. Ontelbare attachments vliegen van Amsterdam naar New York, en andersom. Inmiddels is een dag met tien mailtjes geen uitzondering meer. En we bellen elkaar zelfs af en toe!

Maar nu hebben we dan ook een gezamenlijke website, die min of meer per ongeluk werd geboren tijdens het fotootje ruilen. We zagen dat er veel "verschillende overeenkomsten" zijn tussen NYC en AMS. Toen alleen nog een goede lay out voor de site. Ook dat was snel bekeken: Kruit legde twee kaarten van Michelin naast elkaar. Klaar. En laat de hits maar komen.

We worden opgepikt door de alt0169 spamlist en vervolgens een groot aantal weblogs. De bezoekers stromen toe. Vooral tijdens kantooruren zien we in de statistieken van Nedstat. Philips, uitzendbureau Start, Microsoft, KPN, noem maar op. Geweldig. We willen meer hits en we sturen een persbericht de wereld in.

Laat in de avond komt het persbericht bij de New York Times binnen. De webteller verraadt dat er enkele redacteuren tijdens hun avonddienst onze site bezoeken. Als ze niets met het persbericht doen, heeft het toch nog enkele hits opgeleverd. En het is een kick om te zien dat mensen uit bijvoorbeeld Uruguay, Japan, Letland, Nicaragua en Oman naar onze site komen. We zijn blij met iedere hit, maar willen altijd meer, meer, meer.

Dan is het 11 september. De enorme rookwolk die vanuit de resten van het World Trade Center opstijgt, is vanuit mijn straat goed te zien. Die spiegelen we aan Nederlandse tv-beelden. Het tellertje schiet omhoog. Dat geeft een dubbel gevoel. Maar het is niks, zie ik, als ik korte tijd na de ramp in Manhattan loop, waar op talloze straathoeken T-shirts over de WTC ramp verkocht worden.