Uit een telefonische enquête onder zeshonderd scholen voor het basis- en voortgezetonderwijs blijkt dat 21 procent van de basisscholen bij Nltree is weggegaan. Bij het voortgezetonderwijs is dit 16 procent, aldus de marktonderzoekers. Van alle scholen zou 79 procent bij Nltree een contract hebben getekend. Nltree, de internetprovider die tot en met vorig jaar alle scholen van een internetverbinding voorzag, wil de cijfers van het onderzoek niet bevestigen. "Het is een enquête van NIPO waarvoor wij geen cijfers hebben aangeleverd", aldus Nltree-woordvoerster Mila Kluen. De cijfers worden bovendien beschouwd als concurrentiegevoelige informatie. Daarnaast loopt er nog een rechtszaak tegen KPN (XS4ALL). Deze provider bood scholen vorig jaar drie jaar lang gratis internet aan. Nltree, die hierdoor veel klanten zou verliezen, stapte hierna naar de rechter. "Dit zou de marktwerking verstoren en uiteindelijk zouden de scholen ook geen baat hebben bij één marktaanbieder", aldus Kluen. Een uitspraak in deze zaak wordt op 11 maart verwacht. Nltree wil wel zeggen dat begin januari 93 procent van de scholen definitief een keuze had gemaakt voor Nltree, een andere provider of een zogeheten overgangsregeling. Daarbij behouden scholen de internetverbinding van Nltree totdat ze een definitieve keuze hebben gemaakt of totdat ze overgaan naar een andere provider. De andere 7 procent van de scholen had op 1 januari nog geen keuze gemaakt. Volgens TNS NIPO neemt 36 procent van de basisscholen en 61 procent van de middelbare scholen zijn huidige keuze voor Nltree in overweging. Nltree vindt de cijfers maar `onduidelijk'. Het onderzoek is uitgevoerd in opdracht van Ispwijzer.nl, een onafhankelijk informatiepunt voor scholen over internet, omdat de organisatie benieuwd was naar de marktverdeling na de veranderingen van 1 januari. Doel van de veranderingen was de markt open te gooien en zo alle scholen zelf de keuze te geven in de keuze van de internetvoorziening. "Daar is nu een begin mee gemaakt", aldus Ispwijzer-woordvoerster Annelou van Egmond.