Dat blijkt uit de voortgangsrapportage tot en met het tweede kwartaal van 2010 die minister Ab Klink vandaag naar de Tweede Kamer stuurt. Van alle 6509 zorgaanbieders zijn er slechts 980 aangesloten (zo'n 15 procent). Vooral de huisartsenpraktijken laten het afweten. Welk informatiesysteem ze ook gebruiken, ze kunnen hun dossiers altijd aansluiten op het Landelijk Schakelpunt (LSP). Toch hebben slechts 369 van de 4337 dat gedaan (zo'n negen procent).

Ziekenhuizen niet aan EPD

Maar het grootste gat valt mogelijk door de leveranciers van ziekenhuisinformatiesystemen. Bijna veertig procent van alle systemen zitten nog niet in het goedkeuringstraject om aangesloten te worden op het EPD, terwijl alle andere systemen al gecertificeerd zijn.

Dat werkt direct door in het gebruik van het EPD. Niet meer dan 13 van de 95 ziekenhuizen is landelijk aangesloten. Het ministerie meldt niet welke leveranciers het laten afweten.

Open standaarden

Uit de rapportage blijkt dat er zich nog andere problemen aandienen. Zo kan wie in de Europese Unie hulp nodig heeft, niet rekenen op de internationale toegankelijkheid van zijn of haar medisch dossier. Dat komt doordat landen allemaal opnieuw het wiel uitvinden en over gegevensuitwisseling niet hebben nagedacht. Van een uitwisselingsstandaard is geen sprake.

“Terwijl veel Europese landen werken aan het implementeren van een nationale infrastructuur, is er in de meeste gevallen nog geen rekening gehouden met de interoperabiliteit tussen de verschillende nationale systemen”, schrijft Klink dan ook.

In 2011 start er een Europees project om die uitwisseling uiteindelijk toch mogelijk te maken. Hoe dat vorm gaat krijgen is nog niet duidelijk. Duidelijk is wel dat het Nederlandse EPD een prijskaartje heeft. Het project heeft de belastingbetaler tot nu toe zo'n 85 miljoen euro gekost, stelt Klink.