Ontsporing dreigt van het miljoenenproject Nationaal Uitvoeringsprogramma Dienstverlening en e-Overheid (NUP). Nadat eerder al de ambities naar beneden zijn bijgesteld, blijkt het nu te ontbreken aan regie.

Er hard moet worden ingrepen om het NUP om niet te laten imploderen. Gebeurt dat niet goed dan zal er een “grootscheepse zichtbare verspilling van overheidsgeld” zijn. Ook kunnen er fouten optreden “bij transacties tussen overheid en burger” of “in handhavingacties vanuit de overheid”.

Code “rood”

Dat is te lezen in het rapport “Wederzijdse gijzeling in machteloos, of de As van Goede?”. Het verslag volgt op een zogenaamde Gateway Review. Dat is een methode om beleid of IT-projecten op cruciale momenten tegen het licht te houden om zo te zorgen dat er succes wordt geboekt. Bij de Britse overheid, de bedenkers van de methode, is het hulpmiddel verplicht. Ook het Rijk heeft inmiddels tientallen rapportages laten uitvoeren.

De conclusie van onderzoeker en oud-AFM-topman Arthur Docters van Leeuwen is vernietigend. Hij geeft in gateway-termen een "code rood” af. Naast het Ministerie van Binnenlandse Zaken (BZK) is ook expliciet de Vereniging Nederlandse gemeenten (VNG) verantwoordelijk voor de ontstane crisis. Zij moeten de kar voor de gemeenten trekken. Ook verwijt hij de verantwoordelijken een gebrek aan visie.

Burgerrechten in de knel

Maar misschien wel pijnlijker is dat falen van de ICT-projecten uit het NUP “bijvoorbeeld resulteert in schending van de rechten van de burger”. Dat komt dan door administratieve fouten, zoals het verkeerd registreren van identiteiten, nationaliteiten en eigendom.

Wat Docters van Leeuwen betreft wordt er nu een pas op de plaats gemaakt en komen er geen nieuwe ambities bij, totdat het NUP goed is uitgevoerd. Ook moet er nu hard worden gewerkt de huidige plannen te realiseren: “Er moeten om te beginnen garanties komen dat de bouwstenen die verplicht ingevoerd moeten worden, aan bepaalde kwaliteitseisen voldoen t.a.v. een heldere exploitatielijn, bewezen bruikbaarheid, continuïteit en onderhoudbaarheid.”

Gebrek aan regie

Het rapport spreekt bij herhaling over het gebrek aan regie. Daarbij legt hij niet alleen bij BZK, maar ook bij de VNG. “Veel respondenten hebben bovendien specifiek kritiek op de te weinig proactieve houding van de VNG in het traject tot nu toe en ook op de geringe profilering van de VNG ten aanzien van onderwerpen die gezamenlijkheid en standaardisatie veronderstellen”, schrijft Docters van Leeuwen.

Die regierol moet wel volgen: “VNG moet een veel duidelijker en proactievere rol spelen in het NUP ten aanzien van de coördinatie en vertegenwoordiging van de gemeenten. De combinatie BZK –VNG moet er veel steviger op inzetten om ‘de As van het Goede’ te gaan vormen.”

Niet actief

Het rommelt al langer rond de ontbrekende regie van de VNG. Sinds begin 2009 probeert uw verslaggever na diverse nieuwstips duidelijk te krijgen hoe verschillende onderdelen uit het NUP vorm krijgt. Na het weigeren van documenten is een bodemprocedure tegen de organisatie gestart. Ook voor de eigen automatisering blijkt de VNG weinig met de overheidsambities op te hebben en noemt het open standaarden compleet overbodig.

Uit een rapport van Ernst & Young uit eind 2009 blijkt dat de uitrol van DigiD niet soepel verloopt. Volgens de VNG is dat beeld niet juist. Nu laat een woordvoerster van de VNG weten op de Gateway-review niet te willen reageren, maar de reactie af te stemmen met het Ministerie van Binnenlandse Zaken.

Internationaal op achterstand

Docters van Leeuwen stelt vast dat het falen van het NUP ons op achterstand met andere landen zit. Hij eindigt zijn rapportage dan ook met een bittere vaststelling:

“Als we, in de schemer van de namiddag, een stapje achteruit doen, bevreemdt het ons eigenlijk dat 16 miljoen Nederlanders zich - op het fanatieke af - opwinden over de fysieke infrastructuur in ons land en dat het achterblijven van de elektronische infrastructuur veel minder opwinding teweeg brengt. Het zou ons niet verbazen, wanneer het tij op enig moment keert omdat onze landgenoten in het buitenland zullen zien en ervaren, hoe het óók kan.”