Het moet vreselijke pijn doen. Een kindje baren, dat zien opgroeien tot één van de allergrootsten op de wereld, en het uiteindelijk moeten verliezen. Een uniek, getalenteerd, winstgevend, norm- en grensverleggend kind was het. Een episch icoon van zijn tijd waarover nog duizenden jaren zal worden gepraat. Playboy heet dat kind, het heeft reeds een plek in de geschiedenis veroverd, iedereen kent het. Playboy is misschien wel één van de bekendste en vooral meest beladen merken ooit. En nu is dat merk, dat kindje, die oogappel, in slechts een paar jaar tijd volledig weggevaagd door het internet. Als een kanker vreet internet zich een weg door lichaam en ziel van iets dat ooit de onbetwiste onsterfelijkheid zelf was.

Ja, dat doet gruwelijk pijn. Dat is creperen. Dat is leed. Existentieel leed dat het bestaan in al zijn fenomenen duidelijk aftekent; wie zonder littekens vergaat heeft nooit bestaan.

Maar, alles is eindig. Niets en niemand is onsterfelijk. Zelfs Harry Mulisch ging op een dag dood. Door de eeuwen heen stierven vele profeten en heiligen, ook al waren ze er absoluut van overtuigd dat ze nooit zouden sterven. Ook Methusalem stierf uiteindelijk. Niets is voor eeuwig, hooguit het niets.

Accepteren dat het met je gedaan is, is geen kinderachtige opgave. Acceptatie van het lot verzacht de pijn niet. Integendeel. Het lot van de eindigheid accepteren is één van de meest onmogelijke opgaven waarvoor de mens zich ooit zag staan. De allereerste mens stond reeds voor deze opgave. Het hele bestaan an sich is zo'n opgave.

Met het einde kan men op twee wijzen omgaan: schoppend en schreeuwend, wanhopig vastklampend aan de allerlaatste strohalm die uiteindelijk niets meer dan een dunne sliert illusie zal blijken te zijn. Vol van angst en walging nog een luier volschijten, net verschoond wit linnen onderkotsen, terwijl demonen uit de muur komen om een ziel te eten.

Of rustig, kalm en vredig. Vrede hebben met het lot. Vrede hebben met het bestaan dat vanaf het allereerste moment, de genesis van ruimte en tijd, de constituering van dat bestaan zelf, tegelijk het absolute einde inhield.

Playboy (en overigens haar complete uitgeverij Sanoma dat kwartaal na kwartaal in rode inkt verliezen moet bijschrijven omdat het internet nou eenmaal grossiert in oneindige hoeveelheden gratis blote tieten, stoute spannende misdaadverhalen en huisvrouwenfora voor marketinggevoelige jammermeisjes) heeft de terminale fase bereikt en weigert palliatieve sedatie. Uit grootheidswaanzin, mede veroorzaakt door het hevig ijlen van de koortsachtige patiënt, wordt nu getracht de nieuwgeboren zuigelingen te verdrinken. Alsof dat de doodsstrijd ook maar een seconde bekort.

Er is geen medicijn tegen de pijn, anders dan te sterven. Dood gaat men net zo eenzaam en alleen als men wordt geboren.

Het is deerniswekkend om te moeten zien hoe een ooit zo groot en vitaal leven nu is gedegradeerd tot een zielig hoopje schreeuwende ellende. Euthanasie is slechts menselijk en barmhartig. De doodstrijd van Playboy en Sanoma beëindigen is pure medemenselijkheid. Empathie en vriendschap verraden zich in het vermogen de stervende de laatste duw te durven geven.

Help Playboy en Sanoma uit het lijden verlossen. Zeg dat abonnement op uw Sanoma-tijdschrift hier op. Doe het vandaag nog. Ook in u schuilt een barmhartige Samaritaan.

Rust zacht Playboy.

Moge u een behouden vaart over de Styx hebben Sanoma.

“Het is niet onopgemerkt gebleven."

Google zal voor eeuwig naar u en uw tietenfoto's blijven linken. Een mooier monument voor de gevallenen is niet denkbaar.