De eerste zogenoemde Smart Displays verschenen eind januari 2003 op de markt. Het idee achter de technologie is om draagbare beeldschermen via een draadloze verbinding te laten communiceren met een gewone Windows-computer. Via de monitor moesten alle applicaties kunnen worden benaderd, zo was het idee van Microsoft en zijn hardwarepartners ViewSonic en Philips. Microsoft zag een toekomst voor zich waarbij het apparaat in elke ruimte van het huis zou worden gebruikt, zoals het lezen van het nieuws in de badkamer. Het is altijd bij twee apparaten gebleven, de DesXscape 150DM van Philips en de Airpanel V110p van ViewSonic. Veel kritiek was er op de software waarop de apparaten draaien, Windows CE voor Smart Displays. Een van de problemen is dat het onmogelijk is tegelijk de desktop te gebruiken en het `slimme' beeldscherm. Ook het bekijken van streaming video is problematisch. In december hebben Microsoft en zijn partners besloten de ontwikkeling van het product te stoppen. Deze stap zou ingegeven zijn door de `huidige marktontwikkelingen' te bestuderen, zo zegt een woordvoerder van Microsoft. Analisten verwelkomen de stap als een goeie zet. Zij hebben het idee nooit zien zitten.