In 1997 startte Sun Microsystems een rechtszaak tegen Microsoft omdat Sun meende dat Microsoft het contract met Sun verbroken had omtrent het gebruik van de programmeertaal Java. Volgens Sun heeft Microsoft zelf aan Java gesleuteld en de taal veranderd om het beter te laten draaien op Windows computers. En dat was een schop tegen het zere been van Sun. Java is een software technologie die het mogelijk maakt programma's te draaien op verschillende besturingssystemen zonder dat de software elke keer opnieuw geschikt gemaakt moet worden afzonderlijke besturingssystemen. Sun meende dat Microsoft zich bedreigd voelde door Java. Programmeurs van software zouden de programma's niet meer apart voor Windows hoeven schrijven. Dat zou het voortbestaan van Windows in gevaar brengen. Sun wilde aanvankelijk 35 miljoen dollar zien van Microsoft, maar is akkoord gegaan met de 20 miljoen dollar die Microsoft nu heeft geboden. De overeenkomst zoals die er nu ligt, betekent dat de afspraak die tussen de twee bedrijven in 1996 gemaakt is voor het gebruik van Java, niet meer geldt. Overigens zou deze overeenkomst over twee maanden aflopen. Wel kan Microsoft de komende zeven jaar gewoon doorgaan met het verkopen van producten waarin Java is verwerkt. Dat geldt ook voor beta-releases. Nieuw uit te brengen software met Java moet eerst de compatibiliteitstest van Sun doorstaan. Overigens geeft Sun toe dat de door Microsoft aangepaste versie van Java beter werkt met Windows dan Sun's eigen versie. Volgens Sun staat dit juist de ontwikkeling van een versie die goed werkt op meerdere besturingssystemen in de weg.

Eerdere relevante berichten:
Amerikaanse overheid blijft bij eis opsplitsing Microsoft (15 januari 2001)
Sun doet goede zaken in groeiende servermarkt (14 december 2000)