Volgens sprekers tijdens The Point 9 teleconferentie over het belang van videoconferencing, geloven bedrijven niet in de potentiële besparingen op reiskosten die telepresence in het vooruitzicht stelt. Ook zouden zij geen zin hebben om energie te steken in het vervangen van dure zakenreisjes, meldt The Industry Standard.

Een woordvoerder van het Wereld Natuurfonds liet echter weten dat het gebruik van deze technologie kan leiden tot minder zakelijke vluchten en daardoor de uitstoot van koolstofdioxide kan verminderen. Volgens Peter Lockley, hoofd vervoersbeleid bij het WNF kunnen dergelijke resultaten ervoor zorgen dat bedrijven die graag een natuurvriendelijk imago hebben, overgaan tot het aankopen van apparatuur die nodig is voor videoconferencing.

Telepresence

Telepresence is een tweede generatie video conferencing waarbij deelnemers via HD-televisies met elkaar communiceren. De naam verwijst naar de illusie dat de gebruiker fysiek aanwezig is bij zijn gesprekspartner.

Onder meer Cisco en HP hebben zwaar ingezet op de technologie. Cisco verkoopt systemen met drie 42-inch televisies en een speciaal ingerichte kamer inclusief richt-microfoons voor bijna 300.000 dollar per lokatie.

3000 kilo CO2 uitgespaard

Volgens David Maldow onderzoeker bij onderzoeksbedrijf Wainhouse, was de conferentie zelf al een bewijs van het nut van deze ontwikkeling. Wanneer de 39 deelnemers aan de conferentie elkaar in London hadden ontmoet zou dat bijna 3.000 kilo aan CO2 hebben opgeleverd.

Volgens zijn collega Andrew Davis is dat overigens niet helemaal juist, omdat de vliegtuigen waarin de deelnemers zouden hebben gezeten, ook zonder hen hebben gevlogen. Alleen wanneer genoeg mensen gebruik maken van videoconferencing, dan is het effect pas merkbaar.

Interoperabiliteit

De complexiteit die komt kijken bij het integreren van videoconferencing binnen een bedrijf heeft volgens Scott Wilcoxen, consultant bij ondersteuningsbedrijf BT Conferencing, de acceptatie van de techniek tegengewerkt.

Volgens de provider is ondersteuning van groot belang omdat gebruikers snel geïrriteerd raken wanneer zij hun conferentie niet kunnen starten. Een groot probleem hierbij is het feit dat de apparatuur van verschillende merken nauwelijks met elkaar werkt, volgens Wilcoxen: "Elke ontwikkelaar gebruikt z'n eigen protocollen, codecs, schermformaten etc. daar is weinig overeenstemming over tussen Cisco, HP, Polycom, Tandberg en Teliris, waarbij gezegd moet worden dat Teliris er in dit opzicht het beste mee omgaat. "

Nog lang niet zover

Het kostte volgens Davis zo'n zes tot zeven jaar voordat er sprake was van echte interoperabiliteit in audioconferencing en hij verwacht dat het nog wel even zal duren voordat er een werkende realiteit is op het gebied van videoconferencing.