De advocaten van Napster maakten vrijdag in een langverwachte brief aan het beroepshof hun bezwaren kenbaar tegen de uitspraak van rechter Marilyn Hall Patel. Die oordeelde vorige maand in het proces dat de platenbranche-organisatie RIAA had aangespannen dat Napster moet zorgen dat via haar dienst geen muziek meer wordt uitgewisseld waarop copyright berust. Een oordeel dat de feitelijke sluiting van de uitwisseldienst zou betekenen. Door in beroep te gaan heeft Napster, in ieder geval tijdelijk, uitstel van executie gekregen. In de brief van vrijdag heeft Napster haar bezwaren tegen het vonnis nog eens uitgebreid uiteengezet. De brief is voor een groot deel een herhaling van argumenten die eerder door rechter Patel zijn verworpen. Zo onderstreepte het net één jaar oude bedrijf nog eens dat het onmogelijk is om het vonnis uit te voeren. Onderscheid maken tussen muziek waarop wel en geen copyright berust, is volgens Napster technisch vrijwel onuitvoerbaar. Napster claimde dat de rechter bij haar beslissing meer gewicht had moeten toekennen aan de Audio Home Recording Act, die volgens het bedrijf het kopiëren van muziek door consumenten toestaat zo lang dat niet op commerciële basis gebeurt. Als gebruikers niet aansprakelijk gesteld kunnen worden, kunnen wij dat ook niet, aldus Napster. Volgens Napster zal de beslissing van de rechter gevolgen hebben voor meer dan alleen het dispuut tussen de platenbranche en de uitwisseldienst. "Als het oordeel van de rechter gehandhaafd blijft, zal dat invloed hebben op elke nieuwe technologie die gebruikt wordt om via internet aan de copyrightwet onderhevige data te verzenden, te transporteren of uit te wisselen", zo schrijft het bedrijf.