Dat blijkt uit een onderzoek van de universiteiten van Oxford en Oviedo, in samenwerking met netwerkgigant Cisco Systems, meldt Reuters. Wereldwijd komt Japan als beste uit de test. Nederland heeft zijn hoge positie onder meer te danken aan investeringen in high-speed glasvezelnetwerken. Opvallend is de hoge klassering van Letland, Litouwen en Slovenië. De Verenigde Staten zijn terug te vinden op plaats 16, met vlak daaronder Rusland.

Verder valt op dat verschillende westerse landen, zoals Groot-Brittannië, Spanje, Australië en Italië, beschikken over snelheden die amper geschikt zijn om optimaal gebruik te kunnen maken van sites als YouTube, videoconversaties en filesharing.

Het onderzoek is gebaseerd op metingen van Speedtest.net in mei van dit jaar. In totaal werden er 8 miljoen tests uitgevoerd. Naast down- en uploadsnelheid werd er ook gekeken naar latentie, de tijd die nodig is om een datapakket van de zender naar de ontvanger te sturen. Op basis hiervan werd een kwaliteitsscore berekend. Hierbij werd geen rekening gehouden met het aantal gebruikers en de kosten van breedbandinternet. De testresultaten komen overigens niet overeen met de statistieken van Speedtest zelf.