"Nederland streeft niet naar e-overheid als op zichzelf staand doel, maar zet het in om adminstratieve kosten te verlagen, backoffice-functies te integreren en het leveren van diensten te verbeteren", meldt de OESO (Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling) in een rapport over Nederland (pdf). Dat is opgesteld na onderzoek naar de overheidsdiensten in 30 landen.

Naast 19 lidstaten van de Europese Unie zijn ook landen als de Verenigde Staten, Canada, Zuid-Korea, Australië en Japan meegenomen. De resultaten zijn gepubliceerd in het nieuwe Government at a Glance-rapport, waarvan om de twee jaar een nieuwe editie verschijnt.

Vijfde op wereldranglijst

Nederland bekleedt de vijfde plaats in de totale landenlijst wat betreft het optuigen van e-overheidsdiensten. Nederland scoort 87 procent op de 'e-government readiness'-index. Zweden scoort met 91 procent het hoogst in de 'e-government readiness'-index, gevolgd door Denemarken, Noorwegen en de VS. Laatstgenoemde heeft een iets hogere score dan Nederland. In EU-verband staat Nederland dus op de 3e plaats.

De hele top 16 zit boven het OESO-gemiddelde van 73 procent, terwijl de top 5 er flink boven zit. Turkije scoort het laagst met 49 procent. De lijst is bijgewerkt met gegevens tot en met 2008. Het volledige rapport (pdf) is online te vinden. Het onderwerp e-overheid komt pas op pagina 119 aan bod.

Hoge scores op het gebied van 'readiness' zijn mede te danken aan goede breedbandinfrastructuur. Nederland is op dat gebied tweede en moet alleen Denemarken nog voor zich gunnen. De nummer twee heeft 36 breedbandverbindingen per 100 inwoners. De nummer één zit op 37 aansluitingen per 100 burgers. Het OESO-gemiddelde is 22.

Volwassenheid

De goede score van Nederland betekent echter niet dat de overheid op zijn lauweren kan rusten. Gekeken naar de volwassenheid (sophistication) van de geboden e-overheidsdiensten is de score namelijk beduidend lager. Nederland is 9e met 82 procent. Dat is in de totale OESO-lijst, binnen de EU gaat het om de 8e plaats. Die score geldt echter voor 2007.

Hetzelfde jaar is van toepassing op de ranglijst voor de volledige beschikbaarheid van e-overheidsdiensten. Nederland staat daar 12e met 62 procent, nipt boven het OECD-gemiddelde van 61 procent.

Nationaal portal

In 2007 was Nederland al wel de beste wat betreft het nationale portal; het bieden van een algemene overheidssite die een one-stop-shop is gebruikers van publieke diensten. Dat e-overheidsloket bedient dus zowel burgers als bedrijven. Nederland loopt met 99 procent op de schaal flink voor. De nummer twee is Groot-Brittannië met 90 procent. Daarna volgen België, Portugal en Griekenland.

Voorbeeldfunctie

De goede e-overheidsscore van Nederland is niet onopgemerkt gebleven. De overheid neemt nu dan ook binnen de EU een voorbeeldfunctie op zich voor e-diensten, meldt het programmabureau NOiV. Het Nederlandse Dienstenloket dient daarbij als basis voor een toolbox om het Europese Dienstenloket te verbeteren. Dit gebeurt in reactie op vragen van de Europese Commissie en van enkele Europese lidstaten naar de Nederlandse aanpak.

Het Dienstenloket in Nederland is benoemd tot één van de zes prioriteitsprojecten in het Nationaal Uitvoeringsprogramma (NUP) voor dienstverlening en e-overheid. Dat is de invulling van de Europese Dienstenrichtlijn die EU-lidstaten verplicht om voor eind december dit jaar betere voorzieningen te bieden voor nationaal en internationaal opererende bedrijven.

Dat omvat het verminderen of wegnemen van regelgeving, administratieve lasten en hoge kosten. Dit moet ondernemen in de EU makkelijker maken. Volgens minister Maria van der Hoeven van Economische Zaken haalt Nederland die deadline zonder problemen. Dat geldt niet voor alle landen.