Dat stelt Jan Kleijssen van de Raad van Europa, waaronder ook het Europees Hof voor de Rechten van de Mens (EHRM) valt, in een gesprek met Webwereld. Hij maakt zich druk over digitale burgerrechten vanuit zijn rol als directeur van het Directorate General of Human Rights and Legal Affairs.

Mensenrechten ook bij DPI

Kleijssen was keynotespreker op de Nederlandse editie het IT Governance Forum, waar experts zich buigen over de vraag of en hoe richting moet worden gegeven aan internet. Voor de Kleijssen staat voorop dat vooral de vrijheden worden gewaarborgd. “Het internet is geworden wat het is, omdat het veel vrijheid kent”, stelt hij. Belangrijk is dan ook voor de Raad van Europa dat die rechten geborgd worden en internet veilig is. “Internet heeft steeds met mensen te maken en daardoor hebben mensenrechten steeds meer met internet te maken.”

Dat er in Nederland een discussie gaande is over het gebruik van Deep Packet Inspection (DPI) door bedrijven als KPN en Vodafone is ook bij de Raad van Europa doorgedrongen. Volgens Kleijssen is het goed denkbaar dat zulke zaken uiteindelijk ook bij het EHRM komen.

“Ik denk dat we steeds meer zaken zullen zien die op zulke kwesties betrekking hebben”, vertelt hij dan ook. “Een voorwaarde is wel dat eerst de nationale rechtsmiddelen moeten worden uitgeput. Dus dat moet in Nederland wel uitgeprocedeerd zijn.”

Three strikes

Hij stelt dan ook te verwachten dat de omstreden Franse auteursrecht wetgeving, Hadopi, uiteindelijk ook bij het Hof komen. Vooral de mogelijkheid om gebruikers internet te kunnen afpakken roept bij hem vragen op. “De vraag is in hoeverre dat verenigbaar is met vrije toegang tot internet”, stelt Kleijssen.

“De conventie garandeert een aantal rechten en ik denk dat het uitoefenen van die rechten zonder internet steeds moeilijker wordt. Dus het Hof zal moeten beoordelen of het ontnemen van de toegang tot internet toegestaan is onder bepaalde onderdelen van de conventie. Dat zal het Hof moeten gaan wegen, denk ik.”

ACTA? Wees Straatsburg-proof!

Ook de discussie rond het handelsverdrag ACTA dat in achterkamertjes is beklonken, is Kleijssen opgevallen. Activisten vrezen dat het verdrag strijdig is met digitale burgerrechten. Op de vraag welke rechten voor gaan, is hij duidelijk: “Ik zou willen zeggen de fundamentele rechten voor de mens. Dat heeft het Hof al vaak bepaald”, vertelt hij.

“Maar wat ik hoop is dat Nederland voordat het over gaat tot ondertekening van dit verdrag of welk ander verdrag ook het eerst toetst met de bepalingen van het EVRM [Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens – redactie]”, betoogt hij. “Kijken of het Straatsburg-proof is, zoals dat in het jargon heet.” Mocht er twijfel zijn dan is de hoop dat Nederland een verklaring aflegt dat “bij eventuele strijdigheid het voorrang zal geven aan de bepalingen van het EVRM.”