Netneutraliteit voorkomt dat internetproviders online diensten en sites kunnen discrimineren. Het verkleint daarmee hun marktmacht, vergroot hun onderlinge concurrentie en stimuleert daardoor innovatie en investeringen in nieuwe en snellere netwerken en internettoegangsdiensten. Dat is, zeker op de lange termijn, goed voor de algemene welvaart en de economische groei van het internet en aanverwante diensten.

Nederlandse netneutraliteit als voorbeeld

Dat is de conclusie van een nieuw rapport (PDF) van SEO Economic Research in opdracht van het ministerie van Economische Zaken. Sinds 1 januari is in Nederland een wettelijk vastgelegde netneutraliteit verplicht, als tweede land ter wereld. De kwestie is ook een heet hangijzer in Brussel, waar eurocommissaris Neelie Kroes een nieuwe richtlijn voorbereid. Daarin zit echter slechts ‘quasi-netneutraliteit’, zoals verschillende kritische fracties in het Europarlement stellen.

Tijd dus om het effect van netneutraliteit op de Nederlandse telecomsector en economie te inventariseren. EZ laat dat doen door SEO Economic Research. Helaas biedt het resulterende rapport wat dat betreft weinig nieuws, omdat empirische data ontbreekt. SEO haakt vooral aan bij eerdere literatuur en onderzoek, zoals van Diffraction Analysis, dat al eerder concludeerde dat netneutraliteit ook goed is voor telco’s zelf.

Per saldo positief effect

De onderzoekers trachten de voor- en nadelen van netneutraliteit voor alle relevante partijen in kaart te brengen. Er zitten kosten aan netneutraliteit, vooral voor isp’s die ook graag allerhande contentdiensten aanbieden. Daarnaast zijn er ook kosten voor de overheid; om de netneutraliteit te handhaven. Maar voor pure isp’s, voor content- en applicatiediensten en voor consumenten is de uitkomst neutraal of positief.

Netneutraliteit zorgt ervoor dat internetproviders zich alleen nog maar verticaal kunnen onderscheiden. Dat is dan op basis van snelheid, volume en prijs. Dit heeft tot gevolg dat ze feller concurreren en vooral zullen investeren in netwerkinfrastructuur en niet in allerhande aanvullende diensten. Dat zijn zaken die webpartijen veel beter kunnen, zo leert de geschiedenis.

SEO waarschuwt voor de effecten van het model zoals de Europese Commissie voorstaat. Daar leeft netneutraliteit mét het toestaan van aparte tolwegen op internet, waar webpartijen dan betalen aan isp’s voor gegarandeerde doorgifte van verkeer. Een dergelijk model dient namelijk vooral het kortetermijnbelang van deze isp’s en van grote, rijke webbedrijven als Google, Microsoft, Apple en Facebook.

Tolweg creëert prisoner's dilemma

Kleine, innovatieve start-ups hebben dan het nakijken. Juist die categorie bedrijven wordt gezien als de belangrijkste motor achter het succes van het internet, schrijven de onderzoekers. Het toestaan van dergelijke ‘internettolwegen’ creëert een soort prisoner’s dilemma met de webpartijen als gevangenen, en de isp’s als politie.

Webwereld heeft telecomaanbieders KPN en Vodafone om commentaar gevraag op het onderzoek.

UPDATE: Vodafone stelt in een reactie: "Het SEO-rapport zet nog een keer een deel van de economische literatuur over netneutraliteit op een rijtje. Wat dat betreft biedt het rapport geen nieuwe inzichten. Er is op dit moment geen consensus onder economen over of en wanneer netneutraliteitswetgeving positief uitpakt. Niemand kan op dit moment eenvoudigweg stellen dat netneutraliteit per definitie goed is voor de innovatie, en niemand kan eenvoudigweg stellen dat netneutraliteit juist per definitie altijd slecht is voor de innovatie."