Het voorstel van twee Democratische Congressleden moet de bestaande Electronic Communications Privacy Act amenderen, waarin opgenomen staat dat de overheid en diens diensten vrijelijk mogen graaien in data die opgeslagen staat in de cloud. Bij de ondertekening van die wet door president Reagan ging het nog om het toen (1986) nagelnieuwe e-mail, maar in de loop der jaren heeft de federale overheid de toepasbaarheid van de wet breed uitgelegd.

Opvragen zonder verdenking

De wet geeft de overheid het recht e-mail en andere content die opgeslagen is bij een internet service provider op te vragen zonder dat moet worden aangetoond dat er gerede verdenkingen zijn van criminele activiteiten. Wel moet de data langer dan 180 dagen zijn opgeslagen. Informatie die korter dan die periode is opgeslagen mag alleen worden opgevraagd via een gerechtelijk bevel.

Maar isp's slaan tegenwoordig informatie haast voor eeuwig op, al dan niet wettelijk verplicht. Ook consumenten gebruiken steeds meer clouddiensten. Daarom moet de wet worden aangepast, vinden de twee Democraten. Dat zou moeten gelden voor gebruik van bijvoorbeeld Dropbox, Facebook en Google online opslagdiensten. De wet is volgens de indieners van het nieuwe wetsvoorstel niet meegegroeid met de tijd en sinds 1986 vrijwel niet aangepast.

Wet uit de digitale oudheid

Dat onder de oude bepalingen van de wet online opgeslagen data dat ouder is dan een half jaar zonder meer door de overheid mag worden opgevraagd, is mede doordat in de jaren tachtig ervan uit werd gegaan dat die data eigenlijk 'verlaten en vergeten' was. Werkelijke online opslagdiensten bestonden in die tijd niet.

Onbekend is hoe vaak isp's en dienstenleveranciers daadwerkelijk data van burgers overleveren aan de overheid. Die melding is in het nieuwe voorstel verplicht, zowel individueel naar de getroffen burger als verzamelcijfers aan het grote publiek.

De verwachting dat het voorstel het zal halen in Congress is niet groot. Een eerder vergelijkbaar voorstel werd vorig jaar al afgeschoten voordat het in de senaatscommissie kon worden behandeld, schrijft Wired.