De kracht van de processors zal niet snel de prestaties van een desktop-pc inhalen, maar met het besluit om twee processors in een mobiele telefoon te stoppen benadrukken de bedrijven de complexiteit van de nieuwe apparaten en de applicaties die er op gedraaid worden. Zo'n vijf jaar geleden werden de mogelijkheden van de mobiele telefoon sterk uitgebreid. De apparaten zijn inmiddels tot meer in staat dan het voeren van een telefoongesprek. Veel 2,5 G-telefoons zijn al verkapte handcomputers waarbij –in zeer beperkte mate- over het internet gesurft kan worden. Ook de opkomst van fotocamera's in de toestellen vereist meer rekenkracht. Nieuwe 3G-telefoons, waarvan de eerste inmiddels op de Japanse markt zijn verschenen, zijn nog complexer. Dit soort telefoons wordt in staat geacht ook videoconferencing en het opvragen van videobeelden mogelijk te maken. In de nieuwe toestellen van NEC en Matsushita wordt daarom een nieuwe architectuur gebruikt. De eerste chip, de C-CPU, is bedoeld voor communicatiedoeleinden zoals het voeren van een telefoongesprek. De tweede chip, de A-CPU, heeft als taak om diverse applicaties op de telefoon af te handelen. Daarbij valt te denken aan surfen over internet of het voeren van een videoconferentie. NEC gebruikt een StrongARM chip van Intel als A-CPU en chips uit zijn eigen VR-serie voor de communicatie.