Computerfabrikant Acer uit Taiwan heeft op een conferentie in Vancouver plannen ontvouwd voor de introductie van `application-specific computing appliances' – apparaten die lijken op computers, maar in tegenstelling tot de PC maar één enkel kunstje beheren. Topman Stan Shih ziet een grote toekomst weggelegd voor de `XC': "Slechts vijf procent van de wereldbevolking weet hoe ze een PC kan gebruiken. De rest vindt de technologie òf te gecompliceerd òf te duur." Acer wil het komende jaar een hele reeks XC's uitbrengen voor verschillende markten en verschillende toepassingen. Daarbij vertrouwt Acer op zijn kennis voor effectief produceren van PC's. Verder gaat het Taiwanese bedrijf zijn XC's bouwen met standaard-onderdelen voor de PC, wat de kosten beperkt houdt. Onder de afgeleidingen van de XC bevinden zich de KC, de GC, STC, HBC, EC en INC: die afkortingen staan voor kid computer, game computer, set-top computer, home-banking computer, education computer en Internet computer. Deze XC's zullen allen een X86-processor bevatten (de verzamelnaam voor de chips die nu ook het rekenhart vormen van de meeste personal computers) en gaan tussen de 200 en 500 dollar per stuk kosten. Bij de XC is daarom vanzelfsprekend een grote rol weggelegd voor Intel, dat 80 procent van de processor-markt in handen heeft, maar niet per se voor Microsoft en zijn Windows-OS, aldus topman Shih: "Windows is erg duur." Sommige XC's zullen door Acer worden voorzien van een Internet-browser, bijvoorbeeld de apparaten voor het telebankieren, terwijl anderen een klein besturingssysteem zullen krijgen. Shih wilde niet zeggen aan welke software als alternatief voor Windows zijn bedrijf denkt. Op de Comdex in Las Vegas werden vorige week JexeOS van Toshiba en Inferno van Lucent geïntroduceerd. Omdat de XC wordt ontwikkeld voor een enkele toepassing hoeven gebruikers niet te vrezen voor vuistdikke handleidingen. Ook is er geen zware netwerkstructuur nodig als bij de NC, de Network Computer zoals die door Oracle en zijn partners wordt gepropageerd. Acer bouwt vrijwel alle benodigde componenten `binnenshuis': RAM-modules, ASIC-sets, toetsenborden en beeldschermen. Dat houdt de kosten laag, in combinatie met een verkoopmodel waarbij de Taiwanese onderneming gaat produceren op bestelling.