Bij de ministeries van de Rijksoverheid heeft 85 procent kennis genomen van het actieplan Open Standaarden en Open Source, onder provincies is dit zelfs 100 procent. Dat blijkt uit een onderzoek van TNS-NIPO in opdracht van het programmabureau NOiV, die dient als officiële nulmeting voor de toekomst. Ondervraagd werden ICT'ers van ministeries, provincies, gemeenten, waterschappen en onderwijsinstellingen.

Een aantal maanden geleden bleek nog uit ander onderzoek, van Market Cap, dat driekwart van de overheidsmanagers nog nooit kennis had genomen van de plannen.

Vertekening door zware non-respons

Bij nadere beschouwing blijkt echter dat de veel positievere resultaten van het nieuwe onderzoek moeilijk houdbaar zijn. De non-respons in het onderzoek is namelijk gigantisch: maar liefst 69 procent van alle aangeschreven ambtenaren heeft de enquete helemaal niet ingevuld.

De onderzoekers van TNS Nipo geven zelf in hun rapportage aan dat met name het beeld van de lagere overheden vertekend is. Van de gemeenten reageerde minder dan een derde, bij de waterschappen nam 44 procent de moeite de vragenlijst in te vullen. Bij de ministeries heeft wel iedereen gereageerd, en bij de provincies 58 procent.

'Non-respons heeft in dit verband een wat andere betekenis dan gebruikelijk is bij een enquête: de groep respondenten is waarschijnlijk niet representatief voor de hele doelgroep. Of een door ons benaderde contactpersoon de vragenlijst heeft ingevuld is namelijk hoogstwaarschijnlijk mede beïnvloed door de bekendheid met – en het draagvlak voor het actieplan NOiV en door de mate waarin de organisatie al bezig is met open standaarden en open source software', meldt het onderzoek. 'De respons onder gemeenten is lager dat verwacht en dat is wellicht een indicatie, dat het actieplan hier nog onvoldoende leeft.'

Afwijken van de werkelijkheid

De NOiV laat tegenover Webwereld weten dat de respons hoger ligt dan verwacht. 'TNS Nipo had aangegeven dat we met 20 procent blij mochten zijn', zegt woordvoerder Mike Kortekaas. Dit komt volgens hem mede door de korte periode van 2,5 week waarin de formulieren teruggestuurd konden worden.

Het beeld dat uit de steekproef naar voren is gekomen kan afwijken van de werkelijke cijfers, geeft Kortekaas toe. 'Ik sluit niet uit dat er een iets vertekend beeld is ontstaan dit jaar', laat hij weten. Er is volgens hem geen enkel moment aan gedacht niet met cijfers naar buiten te komen. 'De kwaliteit van het materiaal dat we hebben teruggekregen was voldoende om het onderzoek te kunnen publiceren.'

In de toekomst bekendheid mogelijk lager

In de loop van volgend jaar laat het NOiV opnieuw onderzoek uitvoeren naar de bekendheid van de plannen. Maar door de gebrekkige resultaten van deze nulmeting kan het echter gebeuren dat volgend jaar de bekendheid met het actieplan opeens lager zal zijn dan nu, erkennen de onderzoekers.

'Als de respons toeneemt, dan zullen er onder de nieuwe respondenten waarschijnlijk relatief veel nieuwe organisaties zijn (...) en daardoor relatief laag scoren. Dit kan betekenen, dat de gemiddelde cijfers voor de hele groep volgend jaar dalen (of minder snel stijgen).'