Het helpt ook bij het toegankelijk houden van documenten. Dat is volgens Kenneth Wash, een van de oprichters van de ODF-alliantie, de belangrijkste reden te kiezen voor de standaard. Het documentformaat wordt inmiddels gebruikt in diverse officepakketten, waaronder Openoffice.org.

Als documenten in digitaal formaat ouder worden, zijn ze doorgaans niet beter toegankelijk stelt de voorvechter van ODF. "We kunnen documenten van duizenden jaren oud lezen, maar we kunnen een digitaal document dat tien jaar geleden werd gemaakt vaak niet meer lezen", verzucht Wash.

Ook met muziek ziet hij dat mensen dezelfde liedjes opnieuw moeten kopen, omdat het formaat verandert.

Documentformaten politiek gevoelig

Wash denkt dat het vooral overheden zijn, die een groot voordeel met een open document standaard kunnen behalen. Daarbij is niet het besparen van de kosten het belangrijkst, maar het behouden van een digitaal archief.

Bijkomend voordeel is ook dat er nu weer innovatie op de desktop plaats vindt. "De desktop was gedurende vijftien jaar een dood gebied. Nu leeft de markt weer op."

Toch is acceptatie van ODF geen eenvoudige gebleken. De alliantie zag de terughoudendheid van de cio's in veel Amerikaanse staten. "Zij worden door gouveneurs benoemd en moeten dus voorkomen dat zij hun baas in politieke problemen brengen. ODF is politiek gevoelig", weet Wash. De stap van Massachusetts om door te gaan met de introductie is volgens hem dan ook een moedige.

Voortgang in Europa

In Europa zijn volgens Wash voldoende goede voorbeelden te vinden. In Belgie moet iedere overheidsinstelling in 2007 ODF-documenten kunnen lezen en in 2008 ook uitwisseling kunnen realiseren. Belangrijk daarbij wel dat de ambtenaren ook kunnen blijven werken met MS Office, omdat dat nu eenmaal de defacto standaard is.

"De vraag is nu hoe we nu kunnen komen tot ODF terwijl er een product van een dominante marktpartij in gebruik is - dat is Microsoft Office", betoogt Peter Strickx, Directeur-Generaal Systeemarchitectuur & Standaarden. "Dit is niet langer een logisch debat, maar een politiek debat."

Zuur voor Nederland

Tijdens een forum-discussie moet kamerlid Thea Fierens van de PvdA erkennen dat Nederland achter ligt op België. Ze wijst er wel op dat vier jaar geleden de motie Vendrik voor open standaarden en open source unaniem is aangenomen, maar dat het parlement te weinig aan opvolging heeft gedaan. Zij wijst op de website "De Belgen doen het beter" waar meer voorbeelden staan. Strickx grapt dat 'de Belgen praten als er een probleem is, maar Nederlanders praten totdat er een probleem is'.

De Belg stelde aan het begin van de paneldiscussie vast dat hij 'niet vrijuit' kon praten, nadat hij had gevraagd of er journalisten in de zaal waren. Zijn angst was dat anders opmerkingen morgen op internet zouden staan. Onder de aanwezigen van de ISOC-bijeenkomst waren ook diverse aanwezigen die een blog bijhouden of daaraan bijdragen.