Het pakket, dat vandaag officieel wordt aangekondigd, bundelt bekende office-onderdelen als tekstverwerking, e-mail en een spreadsheetprogramma. Voornaamste verschil met marktleider Microsoft Office is dat het pakket van IBM op veel meer platformen draait. Behalve voor Windows en Apple is het namelijk ook geschikt voor Linux, Unix en handcomputers. IBM heeft dit bewerkstelligd door een centrale, webgebaseerde benadering te kiezen. In tegenstelling tot puur webgebaseerde oplossingen is de software echter ook offline te gebruiken. Net als Microsoft bij zijn laatste Office-release heeft IBM veel aandacht besteed aan het onderhouden van gezamenlijke projecten. Dit is relatief eenvoudig, omdat het meeste werk plaatsvindt op de servers. Ook updates kunnen vanaf dit centrale punt worden verspreid. Als iemand offline werkt, wordt het werk automatisch gesynchroniseerd op het moment dat de werknemer weer inlogt. IBM gaat 2 dollar per gebruiker per maand vragen, zo meldt CNet. Daarnaast zijn bedrijven geld kwijt aan de benodigde serversoftware, zoals IBM WebSphere. Het office-pakket, dat als aanvulling op IBM's Lotus Workplace geldt, wordt ondersteund door softwaremakers als Motorola, Adobe, Siebel en PeopleSoft.