In ieder geval de vier grootste makers van DRAM (Dynamic Random Access Memory) hebben woensdag een dagvaarding ontvangen. Het Amerikaanse Micron, het Duitse Infineon en Samsung en Hynix uit Zuid-Korea hebben samen zo'n 70 procent van de DRAM-markt in handen. Bijna elke computer maakt gebruikt van DRAM-chips, die dienen als intern geheugen. De prijzen van dergelijke chips stegen tussen november vorig jaar en maart van dit jaar gigantisch. Zo was de groothandelsprijs van 128 MB DRAM in november nog ongeveer 1 dollar, in maart was dat bijna 5. Inmiddels zijn de prijzen weer wat gezakt. Justitie vermoedt dat de makers onderling prijsafspraken hebben gemaakt waarbij ze misbruik hebben gemaakt van hun machtspositie. De makers van de chips ontkennen uiteraard dat hiervan sprake is, maar hebben hun medewerking toegezegd.

Rambus

Een ander onderzoek wordt ingesteld naar Rambus. De Federal Trade Commission heeft een officiële klacht ingediend tegen deze Amerikaanse chipmaker. Rambus zou tussen 1992 en 1995 collega-chipmakers hebben aangemoedigd een bepaalde standaard voor SDRAM (Synchronous DRAM) te ondersteunen. Rambus nam hiervoor zitting in de JEDEC-associatie, die ijvert voor standaarden. Rambus vertelde er destijds echter niet bij dat het zelf diverse patenten op deze technologie bezat, zo luidt de klacht. Hierna moest de concurrentie van Rambus – zoals Toshiba, NEC en Samsung - veel geld uittrekken voor royalties. Volgens de FTC moeten zij in totaal tussen de 50 en 100 miljoen dollar per jaar betalen. Gevolg: hogere chipprijzen voor de consument. Het is niet de eerste keer dat Rambus zich tegen dergelijke klachten moet verantwoorden. Er lopen al diverse andere zaken tegen de chipmaker.